ECLI:NL:GHLEE:2002:AE7522
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- Dijkstra
- Vellinga
- Huisman
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen onherroepelijkheid dwangbevel bij onjuiste adresregistratie
Betrokkene stelde verzet in tegen de tenuitvoerlegging van een dwangbevel dat was uitgevaardigd na een administratieve sanctie. De kantonrechter verklaarde het verzet ongegrond, maar betrokkene ging in hoger beroep. Het hof beoordeelde of de beschikking waarbij de sanctie werd opgelegd onherroepelijk was geworden, een vereiste voor rechtsgeldigheid van het dwangbevel.
Het geschil draaide om de vraag of betrokkene de beschikking had ontvangen. Het hof stelde vast dat de beschikking en aanmaningen naar het adres in het kentekenregister waren gestuurd, maar deze post was onbestelbaar retour gekomen. De gemeente had in de basisadministratie persoonsgegevens hetzelfde adres geregistreerd, zonder subnummering, terwijl betrokkene woonde op een recreatieterrein waar postbezorging via bungalownummers verliep. Door gemeentelijk beleid was het niet mogelijk om het juiste subnummer in de GBA op te nemen.
Het hof oordeelde dat betrokkene hierdoor niet in staat was zijn juiste adres te laten registreren en dat het niet ontvangen van de post niet aan hem kon worden toegerekend. De fictie dat de beschikking geacht wordt bekend te zijn gemaakt, zoals bedoeld in art. 4, tweede lid, WAHV, was daarom niet van toepassing. Het dwangbevel was niet rechtsgeldig uitgevaardigd en de beschikking was niet onherroepelijk geworden.
Het hof vernietigde de beschikking van de kantonrechter, verklaarde het verzet gegrond en bepaalde dat de door betrokkene gestelde zekerheid en griffierecht worden gerestitueerd. De uitspraak werd gedaan door het gerechtshof te Leeuwarden op 28 augustus 2002.
Uitkomst: Het gerechtshof vernietigt de beschikking en verklaart het verzet van betrokkene gegrond vanwege onjuiste adresregistratie waardoor de beschikking niet onherroepelijk is geworden.