ECLI:NL:GHLEE:2002:AF1603
Gerechtshof Leeuwarden
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- H.H.A. Fransen
- Rechtspraak.nl
Vernietiging waardebeschikking WOZ wegens schending vertrouwensbeginsel en objectafbakening
Belanghebbende kocht in april 1998 een woning met garage, carport en schuur, waarbij de carport en schuur deels op gemeentelijke grond stonden die hij mocht gebruiken zonder zakelijk recht. De eerste waardebeschikking van 5 maart 2001 stelde de waarde van het gehele object op f 244.000,-, wat overeenkwam met de betaalde koopprijs. Later ontving belanghebbende een tweede waardebeschikking van 31 juli 2001, waarin de waarde van het perceel grond van 90 m2 met daarop de carport en schuur apart werd vastgesteld op f 14.000,-.
Belanghebbende voerde aan dat hij mocht vertrouwen dat de eerste waardebeschikking de gehele woning inclusief de opstallen en het gebruik van de grond omvatte, en dat de tweede beschikking ten onrechte was uitgevaardigd. Het hof oordeelde dat het hoofd in strijd had gehandeld met het vertrouwensbeginsel door de tweede beschikking uit te vaardigen en dat de objectafbakening onjuist was, omdat de carport en schuur onderdeel zijn van de woning en niet als afzonderlijk object kunnen worden aangemerkt.
Het hof vernietigde daarom de waardebeschikking van 31 juli 2001, verklaarde het beroep van belanghebbende gegrond, en veroordeelde het hoofd tot vergoeding van proceskosten en griffierecht. Tevens wees het hof de gemeente aan als de partij die deze kosten moet dragen.
Uitkomst: De waardebeschikking van 31 juli 2001 wordt vernietigd wegens schending van het vertrouwensbeginsel en onjuiste objectafbakening.