ECLI:NL:GHLEE:2003:AF3240
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- Dijkstra
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep niet-ontvankelijkheid bestuursrechtelijke verkeersboete wegens taalbarrière
De betrokkene, woonachtig in Duitsland, werd geconfronteerd met een bestuursrechtelijke verkeersboete en stelde hoger beroep in tegen een beslissing van de kantonrechter die het beroep niet-ontvankelijk verklaarde. De betrokkene gaf aan de Nederlandse taal onvoldoende te begrijpen, wat leidde tot communicatieproblemen over de vereiste zekerheidstelling voor het beroep.
Het hof oordeelt dat de betrokkene redelijkerwijs niet in verzuim is geweest omdat hij na ontvangst van een Duitstalige toelichting binnen de wettelijke termijn reageerde. De Nederlandse mededelingen van de officier van justitie en griffier, die niet in een voor de betrokkene begrijpelijke taal waren gesteld, schenden het recht op een eerlijk proces zoals bedoeld in artikel 6 EVRM Pro.
De beslissing van de kantonrechter om het beroep niet-ontvankelijk te verklaren wordt daarom vernietigd. De zaak wordt terugverwezen naar de rechtbank Roermond met de opdracht een nieuwe termijn voor zekerheidstelling te bepalen en de betrokkene hierover in een begrijpelijke taal te informeren.
Uitkomst: De niet-ontvankelijkverklaring van het hoger beroep wordt vernietigd en de zaak wordt terugverwezen naar de rechtbank voor verdere behandeling.