ECLI:NL:GHLEE:2003:AF6165
Gerechtshof Leeuwarden
- Eerste aanleg - meervoudig
- prof. mr. Aardema
- mr. Fransen
- prof. dr. Dijstelbloem
- Rechtspraak.nl
Gerechtshof bevestigt toepassing vertrouwensbeginsel bij investeringsaftrek in commanditaire vennootschap
Belanghebbende was in 1997 commanditair vennoot in een commanditaire vennootschap (CV) waarin investeringen werden gedaan. De investeringsaftrek werd verdeeld volgens de CV-overeenkomst, waarbij belanghebbende een deel van zijn aandeel inbracht in een vennootschap onder firma met zijn echtgenote. De inspecteur corrigeerde de investeringsaftrek en stelde het belastbaar inkomen vast op ƒ 16.482,-. Belanghebbende stelde dat de verdeling redelijk en conform het Besluit van de Staatssecretaris van Financiën was en dat de inspecteur door eerdere aanslagen aan andere vennoten het vertrouwen had gewekt dit standpunt te accepteren.
De inspecteur voerde aan dat de echtgenote geen vennoot was in de CV en dat de investeringen volledig aan belanghebbende toekwamen, dat de verdeling de grenzen van het redelijke overschreed, en dat er sprake was van wetsontduiking. Het hof oordeelde dat het vertrouwen op basis van eerdere aanslagen aan andere vennoten gerechtvaardigd was en dat de inspecteur niet vrij was een ander standpunt in te nemen jegens belanghebbende. De stelling van wetsontduiking werd gepasseerd en de positie van de echtgenote als medeondernemer via de vennootschap onder firma werd erkend.
Het hof verklaarde het beroep gegrond, vernietigde de uitspraak van de inspecteur, stelde het belastbaar inkomen vast op nihil, en veroordeelde de inspecteur tot vergoeding van proceskosten. Hiermee werd het vertrouwensbeginsel bevestigd als doorslaggevend in de fiscale beoordeling van investeringsaftrek binnen de CV-constructie.
Uitkomst: Het beroep van belanghebbende wordt gegrond verklaard en de aanslag wordt verminderd tot nihil met vergoeding van proceskosten.