ECLI:NL:GHLEE:2003:AF7076
Gerechtshof Leeuwarden
- Eerste aanleg - meervoudig
- Pruiksma
- Drion
- Fransen
- Rechtspraak.nl
Gerechtshof Leeuwarden oordeelt over aftrekbaarheid advocaatkosten als ondernemingskosten bij internist
Belanghebbende, een internist, voerde een maatschapspraktijk en had een langdurige arts-patiëntrelatie met eiseres, die leidde tot diverse juridische procedures wegens een seksuele relatie die eiseres als misbruik bestempelde. Na strafrechtelijke en tuchtprocedures werd belanghebbende berispt en veroordeeld tot schadevergoeding.
De advocaatkosten die belanghebbende maakte voor zijn verdediging in deze procedures werden door de inspecteur niet als kosten van onderneming erkend, omdat deze volgens de inspecteur niet voortvloeiden uit beroepsmatig handelen. Belanghebbende stelde dat de kosten wel degelijk verband hielden met zijn praktijkuitoefening.
Het hof stelde vast dat de procedures direct voortkwamen uit de arts-patiëntrelatie en dat de juridische procedures mede waren veroorzaakt door het beroepsmatig handelen van belanghebbende. Daarom was er een causaal verband tussen de advocaatkosten en de onderneming. Het hof vernietigde de uitspraak van de inspecteur, erkende de advocaatkosten als aftrekbare kosten van onderneming en mat de aanslag dienovereenkomstig.
Daarnaast veroordeelde het hof de inspecteur tot vergoeding van griffierecht en reiskosten van belanghebbende. De uitspraak bevestigt dat kosten ter verdediging in procedures die voortvloeien uit het beroep als onderneming kunnen worden aangemerkt als zakelijke kosten.
Uitkomst: De advocaatkosten van de internist zijn aftrekbare kosten van onderneming en de aanslag wordt verminderd.