ECLI:NL:GHLEE:2003:AF8424
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- Weenink
- Dijkstra
- Van Dijk
- Rechtspraak.nl
Bevestiging administratieve sanctie wegens verlopen keuringsbewijs motorrijtuig
Betrokkene is door de kantonrechter veroordeeld tot een administratieve sanctie van €81,68 wegens het rijden met een motorrijtuig waarvan het keuringsbewijs zijn geldigheid had verloren. Betrokkene voerde verzet aan tegen de sanctie en stelde dat hij het voertuig niet wilde laten keuren vanwege bezwaren tegen de roetmeting die volgens hem schade aan de motor kan veroorzaken.
Het Gerechtshof oordeelde dat de Wegenverkeerswet 1994 duidelijk voorschrijft dat een keuringsbewijs geldig moet zijn en dat er geen uitzonderingen zijn voor eigenaren die het niet eens zijn met de keuringstechniek. Het door betrokkene aangevoerde rapport van de Nationale Ombudsman bood geen steun aan zijn standpunt. De wettelijke bepalingen en Europese richtlijnen legitimeren de gehanteerde meetmethode.
Het hof concludeerde dat betrokkene bewust het risico heeft genomen de sanctie te ondergaan door het voertuig niet te laten keuren. Er waren geen omstandigheden die matiging van de sanctie rechtvaardigden. Daarom werd de beslissing van de kantonrechter bevestigd.
Uitkomst: Het Gerechtshof bevestigt de administratieve sanctie wegens het rijden met een voertuig met verlopen keuringsbewijs.