ECLI:NL:GHLEE:2003:AF9124
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- Dijkstra
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid in hoger beroep wegens niet-stellen van zekerheid bij bestuursstrafrechtelijke dwangbevel
Betrokkene was in verzet gegaan tegen de tenuitvoerlegging van een dwangbevel uitgevaardigd door de officier van justitie. De kantonrechter verklaarde het verzet ongegrond. Betrokkene stelde hoger beroep in bij het Gerechtshof Leeuwarden.
Volgens artikel 26a van de WAHV is het stellen van zekerheid voor het verschuldigde bedrag en betaling van griffierecht een vereiste voor ontvankelijkheid in hoger beroep. Betrokkene werd door de griffier in de gelegenheid gesteld binnen twee weken zekerheid te stellen, maar dit is niet gebeurd. Betrokkene gaf aan niet in staat te zijn de borgstelling te voldoen en vroeg uitstel.
Het hof overwoog dat het niet stellen van zekerheid een ontoelaatbare beperking van het recht op toegang tot de rechter kan vormen, maar dat betrokkene niet binnen de gestelde termijn heeft gereageerd op de brief van de griffier. Ook van een niet-professionele partij mag worden verwacht dat zij reageert op een dergelijke brief. Daarom verklaarde het hof betrokkene niet-ontvankelijk in het hoger beroep.
Uitkomst: Betrokkene wordt niet-ontvankelijk verklaard in het hoger beroep wegens het niet stellen van zekerheid en betaling van griffierecht.