ECLI:NL:GHLEE:2003:AF9144

Gerechtshof Leeuwarden

Datum uitspraak
7 mei 2003
Publicatiedatum
4 april 2013
Zaaknummer
WAHV 03-00251
Type
Uitspraak
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Hoger beroep
Rechters
  • Dijkstra
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 26a WAHV
Verwijzingen
1 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Niet-ontvankelijkheid in hoger beroep wegens niet-frankeerde en geweigerde post

Betrokkene stelde hoger beroep in tegen een beschikking van de kantonrechter die het verzet tegen een dwangbevel ongegrond verklaarde. De beschikking van de kantonrechter was op 2 januari 2003 verzonden, waarna betrokkene een beroepschrift opstelde dat pas op 28 januari 2003 bij de rechtbank werd ontvangen, ruim na de wettelijke termijn van twee weken.

De envelop waarin het beroepschrift was verzonden, was niet gefrankeerd en werd door de rechtbank geweigerd. TPG Post stuurde deze vervolgens naar een speciale afdeling die onbestelbare post onderzoekt en doorgaf aan de rechtbank. Het hof oordeelde dat de vertraging door het ontbreken van frankering en de weigering van de rechtbank voor rekening en risico van betrokkene komt.

Daarom werd betrokkene niet-ontvankelijk verklaard in het hoger beroep. Dit oordeel is gebaseerd op de strikte toepassing van de termijnregels in art. 26a WAHV en de verantwoordelijkheid van betrokkene voor correcte verzending.

De beslissing werd uitgesproken door mr. Dijkstra, met mr. Wijma als griffier, tijdens een openbare zitting op 7 mei 2003.

Uitkomst: Betrokkene is niet-ontvankelijk verklaard in het hoger beroep wegens niet-tijdige ontvangst van het beroepschrift door niet-frankeerde en geweigerde post.

Uitspraak

WAHV 03/00251
7 mei 2003
CJIB 44967884
Gerechtshof te Leeuwarden
Beschikking
op het hoger beroep tegen de beschikking
van de kantonrechter van de rechtbank te 's-Gravenhage
van 20 december 2002
betreffende
[betrokkene] (hierna te noemen: betrokkene),
wonende te [woonplaats]
1. De beslissing van de kantonrechter
De kantonrechter heeft het verzet van de betrokkene tegen de tenuitvoerlegging van een door de officier van justitie in het arrondissement Leeuwarden op 12 juni 2002 uitgevaardigd dwangbevel ongegrond verklaard. De beschikking van de kantonrechter is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit.
2. Het procesverloop
De betrokkene heeft tegen de beschikking van de kantonrechter hoger beroep ingesteld.
De advocaat-generaal heeft een verweerschrift ingediend.
De betrokkene is in de gelegenheid gesteld het beroep schriftelijk nader toe te lichten. Van deze gelegenheid is geen gebruik gemaakt.
3. Beoordeling
3.1. Blijkens de stukken van het geding is de mededeling van de beschikking van de rechtbank op 2 januari 2003 verzonden. Het beroepschrift, gedateerd 11 januari 2003, is blijkens een daarop geplaatst stempel ter griffie van de rechtbank ingekomen op 28 januari 2003. Het hoger beroep is derhalve niet ingesteld binnen de in art. 26a, eerste lid, WAHV voorgeschreven termijn van twee weken na de verzending van de mededeling van de beschikking van de kantonrechter.
3.2. De envelop waarmee het hoger beroepschrift is verzonden bevindt zich bij de gedingstukken. Deze envelop is niet gefrankeerd. Op de envelop is een sticker van TPG Post aangebracht, waarop onder meer is vermeld "Retour, reden van onbestelbaarheid, geweigerd" en "postcode binnenlands retouradres, 2500 NA". Uit door de griffier van de rechtbank Den Haag, sector kanton, locatie Alphen aan den Rijn, ingewonnen informatie blijkt dat deze postcode behoort bij "Postbus onbestelbare stukken", hoofdkantoor TPG Post te Den Haag.
3.3. Het is het hof ambtshalve bekend, dat in Den Haag een speciale afdeling van TPG Post is gevestigd, die toestemming van de rechter heeft verkregen om onbestelbare poststukken te openen.
3.4. Gelet op het voorgaande moet het ervoor worden gehouden, dat de rechtbank heeft geweigerd om de envelop in ontvangst te nemen, omdat deze niet is gefrankeerd, dat TPG Post deze envelop vervolgens naar voormelde afdeling heeft gezonden, dat de envelop na onderzoek is gezonden naar de rechtbank Den Haag, sector kanton, locatie Alphen aan den Rijn en dat het hoger beroepschrift aldaar op 28 januari 2003 is ingekomen.
3.5. In aanmerking genomen, dat de betrokkene de envelop waarmee het beroepschrift is verzonden niet heeft gefrankeerd, dient de omstandigheid dat de rechtbank deze envelop in eerste instantie heeft geweigerd en dat TPG Post het hoger beroepschrift daarom niet binnen de beroepstermijn bij de rechtbank heeft kunnen bezorgen voor rekening en risico van de betrokkene te blijven.
3.6. De betrokkene moet derhalve in het hoger beroep niet-ontvankelijk worden verklaard.
4. De beslissing
Het gerechtshof:
verklaart de betrokkene niet-ontvankelijk in het hoger beroep.
Deze beschikking is gegeven door mr. Dijkstra, in tegenwoordigheid van mr. Wijma als griffier, en uitgesproken ter openbare zitting.