ECLI:NL:GHLEE:2003:AJ6844
Gerechtshof Leeuwarden
- Eerste aanleg - meervoudig
- J. Huiskes
- H.S. Pruiksma
- H.H.A. Fransen
- Rechtspraak.nl
Geen vrijstelling overdrachtsbelasting bij verkrijging van broer volgens artikel 15 lid 1 onderdeel b WBRV
Belanghebbende heeft op 2 maart 2001 overdrachtsbelasting betaald over de verkrijging van onroerende zaken van zijn broer. Bij de registratie van de notariële akte werd geen beroep gedaan op de vrijstelling van overdrachtsbelasting zoals bedoeld in artikel 15 lid 1 onderdeel Pro b van de Wet op belastingen van rechtsverkeer (WBRV). Pas bij het bezwaar werd dit beroep ingediend.
Het geschil betreft de vraag of deze verkrijging vrijgesteld is van overdrachtsbelasting. Het hof stelt vast dat de vrijstelling alleen geldt indien binnen een maand na verkrijging een beroep wordt gedaan op de vrijstelling met de benodigde gegevens, wat hier niet is gebeurd. Daarnaast is belanghebbende geen kind, pleegkind of kleinkind van de overdrager, maar diens broer, waardoor de vrijstelling niet van toepassing is.
Belanghebbende voerde aan dat de termijn van zes weken uit de Algemene wet bestuursrecht (Awb) ook geldt voor het doen van een beroep op de vrijstelling, en dat de beperking tot kinderen in strijd is met het gelijkheidsbeginsel. Het hof verwierp deze argumenten en oordeelde dat de wetgever de vrijheid heeft om de vrijstelling te beperken tot kinderen. Ook het ontbreken van een hoorplicht in de bezwaarfase leidt niet tot een ander oordeel.
Het hof verklaart het beroep ongegrond en bevestigt dat de inspecteur de overdrachtsbelasting terecht heeft geheven. Proceskosten worden niet toegewezen.
Uitkomst: Het beroep van belanghebbende wordt ongegrond verklaard en de overdrachtsbelasting wordt bevestigd.