ECLI:NL:GHLEE:2003:AM2486

Gerechtshof Leeuwarden

Datum uitspraak
4 september 2003
Publicatiedatum
4 april 2013
Zaaknummer
WAHV 03-00534
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Hoger beroep
Rechters
  • Van Dijk
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 19 RVV 1990Art. 11 WAHV
Verwijzingen
4 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoger beroep tegen administratieve sanctie wegens onvoldoende afstand houden bij snelheid tot 80 km/u

De betrokkene werd administratief gesanctioneerd met een boete van €132 wegens onvoldoende afstand houden bij een snelheid tot en met 80 km/u op de Kruithuisweg te Delft op 24 januari 2002.

De kantonrechter verklaarde het beroep van de betrokkene ongegrond, maar het gerechtshof Leeuwarden vernietigde deze beslissing op hoger beroep. Het hof stelde vast dat uit de stukken niet kon worden vastgesteld of de betrokkene reed met een snelheid tot en met 80 km/u of met een snelheid tussen meer dan 80 km/u en 100 km/u.

Aangezien de overtreding alleen geldt bij een snelheid tot en met 80 km/u en er geen andere overtreding kon worden vastgesteld, oordeelde het hof dat de sanctie ten onrechte was opgelegd. De beslissing van de officier van justitie en de beschikking van het CJIB werden vernietigd en het opgelegde bedrag werd gerestitueerd.

Uitkomst: De opgelegde administratieve sanctie wegens onvoldoende afstand houden bij snelheid tot 80 km/u wordt vernietigd en het boetebedrag van €132 wordt gerestitueerd.

Uitspraak

WAHV 03/00534
4 september 2003
CJIB 99050296673
Gerechtshof te Leeuwarden
Arrest
op het hoger beroep tegen de beslissing
van de kantonrechter van de rechtbank te 's-Gravenhage
van 26 maart 2003
betreffende
[betrokkene] (hierna te noemen: betrokkene),
wonende te Utrecht.
1. De beslissing van de kantonrechter
De kantonrechter heeft het beroep van de betrokkene tegen de beslissing van de officier van justitie in het arrondissement 's-Gravenhage ongegrond verklaard. De beslissing van de kantonrechter is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
2. Het procesverloop
De betrokkene heeft tegen de beslissing van de kantonrechter hoger beroep ingesteld. Bij het beroepschrift is verzocht om een behandeling ter zitting.
De advocaat-generaal is in de gelegenheid gesteld een verweerschrift in te dienen, maar heeft van deze mogelijkheid geen gebruik gemaakt.
De zaak is behandeld ter zitting van 21 augustus 2003. Als gemachtigde van de advocaat-generaal is verschenen mr. E. Bloemendaal. De betrokkene is niet verschenen.
3. Beoordeling
3.1. Aan de betrokkene is als kentekenhouder bij inleidende beschikking een administratieve sanctie van €€132,-- Euro opgelegd ter zake van "als bestuurder van een voertuig niet voldoende afstand houden bij snelheid tot en met 80 km per uur" (feitcode S005a), welke gedraging zou zijn verricht op 24 januari 2002 te 17.40 uur op de Kruithuisweg te Delft.
3.2. De betrokkene ontkent niet ten tijde en ter plaatse als voormeld als bestuurder van het in de inleidende beschikking genoemde motorvoertuig aanwezig te zijn geweest. Hij ontkent echter de gedraging te hebben verricht.
3.3. De in feitcode S005a vermelde gedraging is een overtreding van art. 19 RVV1990, dat luidt als volgt:
"De bestuurder moet in staat zijn zijn voertuig tot stilstand te brengen binnen de afstand waarover hij de weg kan overzien en waarover deze vrij is".
3.4. De in het zaakoverzicht opgenomen toelichting van de verbalisant Kuijper houdt in, voor zover hier van belang: "Betrokkene reed met een snelheid gec. 75 km/h over de Kruithuisweg kudrv. A4 en gidrv. A13. Betr. reed + 1.5 m. achter voorligger. Het door de verbalisanten Donker en Kuijper op 7 juli 2002 op ambtseed/ambtsbelofte opgemaakte proces-verbaal nr. PL1581/2002/16819-2 houdt in als hun relaas, voor zover hier van belang: "Op 24 januari 2002, omstreeks 17.27 uur, reden wij in uniform en in een opvallend surveillancevoertuig op de Voorhofdreef te Delft. Wij (…...) reden in de richting van de Kruithuisweg te Delft. (...) Ongeveer 75 meter voor ons reed een personenauto, merk Mazda (…). Hierop hebben wij het voertuig op de Kruithuisweg te Delft staande gehouden. (…) De bestuurder gaf ons op te zijn: [betrokkene]., geboren [geboortedatum] en wonende [adres], [woonplaats].". (…...). Betrokkene trok op en reed rechtdoor de Kruithuisweg af, richting de Rijksweg A13. (…...). Aangezien ik betrokkene bij het instappen van zijn voertuig had gewaarschuwd, dat hij zijn veiligheidsgordel om moest doen, reden wij achter de betrokkene aan, om te kijken of hij hieraan gevolg gegeven had. (...…). Wij, verbalisanten, zagen dat betrokkene achter een andere personenauto reed, met een snelheid van meer dan 80 km/u tot en met 100 km/u, waarbij de onderlinge afstand tussen de voertuigen overeenkomt met een tijd van: minder dan 0,5 seconden tot en met 0,4 seconden.".
3.5. Op grond van de inhoud van de hiervoor onder 3.4. weergegeven stukken kan niet vastgesteld worden of de betrokkene met een snelheid tot en met 80 km/h dan wel met een snelheid van meer dan 80 km/h en tot en met 100 km/h heeft gereden. Aldus staat niet vast dat de hiervoor onder 3.1. genoemde gedraging is verricht. Nu evenmin vastgesteld kan worden dat enige andere gedraging is verricht, voorkomend op de bijlage van de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften - blijkens de Richtlijn voor strafvordering, Tarieven en feitomschrijvingen voor misdrijven, overtredingen en gedragingen als bedoeld in de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften kan er bij een snelheid van meer dan 80 km/h en tot en met 100 km/h slechts sprake zijn van feiten waarvoor een transactie kan worden aangeboden of waarvoor een dagvaarding kan worden uitgebracht - is ten onrechte een sanctie aan de betrokkene opgelegd.
De inleidende beschikking kan reeds op deze grond niet in stand blijven. Het hof zal doen hetgeen de kantonrechter had behoren te doen.
3.6. Het hof acht geen termen aanwezig een kostenveroordeling uit te spreken, nu niet gebleken is van kosten die voor vergoeding in aanmerking kunnen komen.
4. De beslissing
Het gerechtshof:
vernietigt de beslissing van de kantonrechter;
vernietigt de beslissing van de officier van justitie d.d. 24 juli 2002, alsmede de beschikking waarbij onder CJIB-nr. 99050296673 de administratieve sanctie is opgelegd;
bepaalt dat een bedrag van €132,-- Euro door de advocaat-generaal aan de betrokkene wordt gerestitueerd, dat door hem op de voet van art. 11 WAHV Pro tot zekerheid is gesteld.
Dit arrest is gewezen door mr. Van Dijk, in tegenwoordigheid van mr. Hiemstra als griffier, en uitgesproken ter openbare zitting.