ECLI:NL:GHLEE:2003:AM7761
Gerechtshof Leeuwarden
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling waarde onroerende zaak per 1 januari 1999 volgens Wet WOZ
Belanghebbende maakte bezwaar tegen de door de afdelingsmanager Financiën van de gemeente Winschoten vastgestelde WOZ-waarde van zijn woning aan de a-straat 49 te Z, vastgesteld op ƒ 265.000 per 1 januari 1999. De afdelingsmanager handhaafde deze waarde na bezwaar, gesteund op een taxatierapport van een gediplomeerd WOZ-taxateur die een waarde van ƒ 279.000 had vastgesteld.
Belanghebbende voerde aan dat onvoldoende rekening was gehouden met overlast van een nabijgelegen weg en een erfdienstbaarheid op het perceel, waardoor volgens hem een waardevermindering van 15% gerechtvaardigd was. Tevens stelde hij dat de referentieobjecten rustiger gelegen waren en na de peildatum waren verkocht.
Het hof stelde vast dat de waarde bepaald moest worden volgens de Wet WOZ op basis van de waarde in het economische verkeer per 1 januari 1999. De afdelingsmanager had aannemelijk gemaakt dat de waarde niet te hoog was vastgesteld, mede door onderbouwing met transacties van vergelijkbare woningen in de omgeving. De taxateur gaf aan dat bij een rustigere ligging de waarde zelfs hoger zou zijn. Belanghebbende bracht geen feiten of omstandigheden aan die de vastgestelde waarde konden weerleggen.
Het hof concludeerde dat de vastgestelde waarde van ƒ 265.000 per 1 januari 1999 aannemelijk was en verklaarde het beroep ongegrond. Tevens werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de vastgestelde WOZ-waarde van ƒ 265.000 per 1 januari 1999 wordt ongegrond verklaard.