ECLI:NL:GHLEE:2003:AN9823
Gerechtshof Leeuwarden
- Eerste aanleg - meervoudig
- Pruiksma
- Drion
- Van der Meer
- Rechtspraak.nl
Vermindering aanslag waterschapslasten wegens onjuiste perceelsclassificatie en beëindiging erfpacht
Belanghebbende werd in 1998 aangeslagen voor waterschapslasten op landbouwpercelen verdeeld over verschillende blokken, ingedeeld volgens de Omslagverordening Waterschap Hunze en Aa 1995. Na bezwaar werd de aanslag verminderd, maar belanghebbende ging in beroep vanwege vermeende bedrijfsschade door natuurbeheerwerkzaamheden van Staatsbosbeheer (SBB) en onjuiste heffing voor percelen waarvan het erfpachtsrecht was beëindigd.
Het hof stelde vast dat belanghebbende als genothebbende terecht was aangeslagen voor de percelen in blok 1, ondanks de door SBB uitgevoerde cultuurtechnische werken. Deze werkzaamheden konden niet leiden tot vermindering van de aanslag, maar eventuele schade diende civielrechtelijk te worden verhaald. Voor de percelen in blok 2 en 3 was het erfpachtsrecht per respectievelijk 1 december 1997 en 1 april 1997 geëindigd, waardoor belanghebbende daarvoor niet meer belastingplichtig was.
Het hof oordeelde dat de aanslag verminderd moest worden met een bedrag van ƒ 3.906,18 en veroordeelde het waterschap tot vergoeding van proceskosten en griffierecht. Het beroep werd daarmee gegrond verklaard en de aanslag aangepast, waarbij de omslagverordening als zodanig niet onverbindend werd verklaard.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en de aanslag waterschapslasten verminderd met ƒ 3.906,18.