ECLI:NL:GHLEE:2004:AO2075
Gerechtshof Leeuwarden
- Eerste aanleg - meervoudig
- G.M. van der Meer
- F.J.W. Drion
- H.H.A. Fransen
- Rechtspraak.nl
Gerechtshof bevestigt afwijzing naheffingsaanslag omzetbelasting wegens ontbreken ondernemerschap
Belanghebbende had zich geregistreerd als ondernemer voor de verhuur van een bedrijfshal en woning in aanbouw. De inspecteur stelde een boekenonderzoek in en concludeerde dat geen duidelijkheid bestond over de bestemming van het pand, waardoor belanghebbende niet als ondernemer kon worden aangemerkt.
Belanghebbende vroeg teruggaaf van voorbelasting over het eerste, tweede en derde kwartaal 2000. De inspecteur weigerde de teruggaaf over het eerste en tweede kwartaal en verleende de teruggaaf over het derde kwartaal, die later werd nageheven via een naheffingsaanslag. Belanghebbende stelde dat de naheffing in strijd was met het vertrouwensbeginsel, het zorgvuldigheidsbeginsel en een bestendige gedragslijn.
Het hof oordeelde dat belanghebbende niet had aangetoond dat hij ondernemer was, waardoor geen recht op teruggaaf bestond. Het enkel uitreiken van aangiftebiljetten en het toekennen van een omzetbelastingnummer vormde geen bestendige gedragslijn. Ook het vertrouwens- en zorgvuldigheidsbeginsel boden geen grond voor de naheffing te vernietigen. Het beroep werd ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep van belanghebbende tegen de naheffingsaanslag omzetbelasting wordt ongegrond verklaard.