ECLI:NL:GHLEE:2004:AO2078
Gerechtshof Leeuwarden
- Eerste aanleg - meervoudig
- G.M. van der Meer
- F.J.W. Drion
- H.H.A. Fransen
- Rechtspraak.nl
Gerechtshof bevestigt WOZ-waardering kantoorcomplex met aanpassing voor twee objecten
De belanghebbende betwistte de door de heffingsambtenaar vastgestelde WOZ-waarden van drie kantoorobjecten, stellende dat onvoldoende rekening was gehouden met onderhoudstekorten, waardedrukkende factoren en de verhuurbare oppervlakten.
Het gerechtshof stelde vast dat de heffingsambtenaar de waarden had bepaald met de huurwaardekapitalisatiemethode, onderbouwd met taxatierapporten van een gecertificeerd taxateur. De belanghebbende kon deze waarderingen niet ontkrachten met eigen bewijs.
Hoewel de belanghebbende bezwaar maakte tegen de gehanteerde huurprijs en onderhoudstoestand, oordeelde het hof dat deze factoren reeds in de taxaties waren verwerkt. De waarden van twee objecten werden wel verlaagd, terwijl de waarde van het derde object werd gehandhaafd.
De motivering van het besluit werd als voldoende beoordeeld en de klacht over het ontbreken van een onafhankelijke toetsing werd verworpen. Het hof gelastte vergoeding van het griffierecht aan de belanghebbende, maar wees proceskostenveroordeling af vanwege het ontbreken van professionele bijstand en afwezigheid bij de zitting.
Uitkomst: Het gerechtshof verklaart het beroep gegrond en past de WOZ-waarden van twee kantoorobjecten aan, terwijl de waarde van het derde object wordt gehandhaafd.