ECLI:NL:GHLEE:2004:AO4852
Gerechtshof Leeuwarden
- Eerste aanleg - meervoudig
- prof. mr. Aardema
- mr. Van der Meer
- prof. dr. Dijstelbloem
- Rechtspraak.nl
Gerechtshof bevestigt privaatrechtelijke dienstbetrekking bij loonbelasting naheffing
Belanghebbende voerde ontwerpen en bouwdirectie uit bij de verbouwing van een theater. Drie personen, de heren C, D en E, verrichtten sloop-, schilder-, timmer- en tegelwerkzaamheden op basis van mondelinge overeenkomsten met belanghebbende. De inspecteur legde een naheffingsaanslag loonbelasting op, omdat hij meende dat sprake was van een privaatrechtelijke of fictieve dienstbetrekking.
Belanghebbende betwistte dit en stelde dat de werkzaamheden geen wezenlijk onderdeel van zijn opdracht vormden en dat er geen gezagsverhouding bestond. Ook stelde hij dat het gelijkheidsbeginsel was geschonden doordat de inspecteur de naheffing ten aanzien van de heer C anders behandelde dan bij de heren D en E. Tevens klaagde hij over de wijze van het hoorgesprek.
Het hof stelde vast dat belanghebbende de regie voerde, opdrachten gaf en loon betaalde aan de heren C, D en E, die persoonlijk arbeid verrichtten gedurende een zekere tijd. Dit vormde een privaatrechtelijke dienstbetrekking. De verschillen in behandeling van de heer C en de anderen waren gerechtvaardigd vanwege het ontbreken van vergelijkbare verklaringen. Het hoorgesprek was niet onbehoorlijk verlopen. Het beroep van belanghebbende werd ongegrond verklaard en de naheffingsaanslag gehandhaafd.
Uitkomst: Het beroep van belanghebbende wordt ongegrond verklaard en de naheffingsaanslag loonbelasting gehandhaafd.