ECLI:NL:GHLEE:2004:AO9755
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- Dijkstra
- Poelman
- Van Dijk
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen niet-ontvankelijkheid verzet dwangbevel wegens overschrijding redelijke termijn
De betrokkene tekende verzet aan tegen een dwangbevel dat op 1 maart 2001 was betekend. De kantonrechter verklaarde dit verzet niet-ontvankelijk, waarna betrokkene hoger beroep instelde. Het hof beoordeelde het procesverloop en constateerde dat het verzet tijdig was ingediend, maar dat de behandeling van de zaak door de bevoegde autoriteiten onnodig traag verliep.
Het hof heroverwoog zijn eerdere standpunt omtrent de termijn van 18 maanden en oordeelde dat deze grens te arbitrair was. Van de autoriteiten mag worden verwacht dat zij met voortvarendheid zaken behandelen, ongeacht of het verzet tijdig is ingesteld. In deze zaak waren er perioden van inactiviteit zonder aanvaardbare oorzaak, wat leidde tot overschrijding van de redelijke termijn.
Gezien deze overschrijding en het feit dat verdere tenuitvoerlegging van het dwangbevel in strijd zou komen met beginselen van behoorlijk bestuur, vernietigde het hof de beschikking van de kantonrechter en verklaarde het verzet gegrond. Tevens werd overwogen dat de eis tot zekerheidstelling en griffierecht in dit geval niet passend was, mede gelet op de omstandigheden.
Uitkomst: Het gerechtshof verklaart het verzet gegrond wegens overschrijding van de redelijke termijn en vernietigt de beschikking van de kantonrechter.