ECLI:NL:GHLEE:2004:AP0408
Gerechtshof Leeuwarden
- Eerste aanleg - meervoudig
- E. Aardema
- G.M. van der Meer
- G.W.B. van Westen
- Rechtspraak.nl
Geen recht op tijdelijke verhoging van de algemene heffingskorting bij lijfrente-uitkering
Belanghebbende kreeg voor het jaar 2001 een aanslag inkomstenbelasting opgelegd zonder toepassing van de tijdelijke verhoging van de algemene heffingskorting. Hij betwistte dit en voerde aan dat hij hier wel recht op had vanwege een overgangsregeling voor belastingplichtigen die voorheen de invorderingsvrijstelling genoten.
De inspecteur handhaafde de aanslag, stellende dat belanghebbende niet voldeed aan de voorwaarden van de Invoeringswet inkomstenbelasting 2001, omdat de lijfrente-uitkering niet valt onder de inkomensbestanddelen die recht geven op de tijdelijke verhoging.
Het hof oordeelde dat de lijfrente moet worden aangemerkt als loon uit vroegere dienstbetrekking en niet als belastbare periodieke uitkering in de zin van de wet. Ook het vertrouwen dat belanghebbende stelde te hebben op basis van een brief van het ministerie van Financiën werd niet geacht rechtens beschermd te zijn, omdat deze was gebaseerd op onjuiste gegevens.
Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en er werden geen proceskosten toegekend.
Uitkomst: Het beroep van belanghebbende wordt ongegrond verklaard en de aanslag inkomstenbelasting blijft gehandhaafd zonder toepassing van de tijdelijke verhoging van de algemene heffingskorting.