ECLI:NL:GHLEE:2004:AP1750
Gerechtshof Leeuwarden
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- F.J.W. Drion
- Rechtspraak.nl
Beoordeling waarde onroerende zaak volgens Wet waardering onroerende zaken
Het geschil betreft de vaststelling van de waarde van een kunstgrasveld te Z per prijspeildatum 1 januari 1999, vastgesteld door de heffingsambtenaar op ƒ 148.000,-- (€ 67.159,--). Belanghebbende betwist deze waarde als te hoog, verwijzend naar het bestemmingsplan en het ontbreken van waardebeschikkingen voor vergelijkbare hockeyvelden.
De heffingsambtenaar baseert de waarde op een taxatieverslag van mei 2001, waarin de waarde van grond en opstal conform wettelijke bepalingen is berekend. Het hof oordeelt dat de gebruikte waarde per m2 voldoende aannemelijk is en dat de stijging ten opzichte van de vorige waardering verklaarbaar is door ontwikkelingen in de marktwaarde.
Het beroep op het gelijkheidsbeginsel faalt omdat de vergelijkingen niet gaan om gelijke gevallen en andere hockeyvelden niet in dezelfde gemeente liggen. Het hof concludeert dat de waarde correct is vastgesteld en verklaart het beroep ongegrond. Proceskosten worden niet toegewezen.
Uitkomst: Het beroep tegen de vastgestelde WOZ-waarde van het kunstgrasveld wordt ongegrond verklaard.