ECLI:NL:GHLEE:2004:AP1751
Gerechtshof Leeuwarden
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- F.J.W. Drion
- Rechtspraak.nl
Ongegrond beroep tegen aanslagen onroerende-zaakbelasting na waardevaststelling woning en winkelpand
Belanghebbende, eigenaar en gebruiker van een onroerende zaak aan de a-straat 49a te Z, maakte bezwaar tegen de aanslagen onroerende-zaakbelasting (OZB) 2001 opgelegd door het hoofd van de afdeling financiën van de gemeente Skasterlan. Deze aanslagen betroffen zowel eigendom als feitelijk gebruik van de woning. Het bezwaar werd door het hoofd gehandhaafd, waarna belanghebbende in beroep ging bij het Gerechtshof.
Belanghebbende stelde dat de aanslagen ten onrechte waren opgelegd, omdat volgens hem de waardevaststelling van de woning al was inbegrepen in de waardevaststelling van het winkelpand aan hetzelfde adres, zoals bleek uit een eerdere uitspraak van het hoofd. Daarnaast voerde hij enkele formele bezwaren aan tegen de bezwaarprocedure en de waardevaststelling.
Het hof stelde vast dat de onroerende zaak administratief was gesplitst in een winkelruimte en een bovenliggende woning met een apart adres, bevestigd door de gemeente. De eerdere uitspraak van het hoofd betrof uitsluitend het winkelpand, en de woning was later afzonderlijk gewaardeerd en deze waardering was onherroepelijk. Het hof kon de waarde van de woning niet opnieuw beoordelen en vond geen gronden om de aanslagen onjuist te achten.
Daarom verklaarde het hof het beroep ongegrond. Tevens werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak werd op 11 juni 2004 in het openbaar gedaan en op 16 juni 2004 aan partijen verzonden.
Uitkomst: Het beroep tegen de aanslagen onroerende-zaakbelasting 2001 wordt ongegrond verklaard.