ECLI:NL:GHLEE:2004:AP1766
Gerechtshof Leeuwarden
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Geschil over WOZ-waarde van tussenwoning per 1 januari 1999
Belanghebbende betwistte de door de heffingsambtenaar vastgestelde WOZ-waarde van een tussenwoning aan de a-straat 13 te Z per 1 januari 1999, vastgesteld op €102.554. Hij voerde aan dat de waarde lager zou moeten zijn, gebaseerd op transactieprijzen van vergelijkingsobjecten en een andere WOZ-taxatie van een woning aan de a-kade 4.
De heffingsambtenaar handhaafde de waarde en onderbouwde dit met een taxatierapport uit oktober 2002, waarin referentiewoningen werden gebruikt die representatief waren voor de markt en vergelijkbaar met de onderhavige woning. Het hof oordeelde dat de heffingsambtenaar aan zijn bewijslast had voldaan en dat de vergelijkingsobjecten van belanghebbende onvoldoende geschikt waren.
Het hof wees ook het argument af dat een oud benzinedepot tegenover de woning een waardedrukkende invloed zou hebben, en dat de koopsom uit 1996 niet relevant was. Omdat geen andere feiten of omstandigheden een lagere waarde rechtvaardigden, verklaarde het hof het beroep ongegrond.
Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak werd op 11 juni 2004 door het gerechtshof Leeuwarden gedaan en op 16 juni 2004 aan partijen verzonden.
Uitkomst: Het beroep tegen de vastgestelde WOZ-waarde van €102.554 werd ongegrond verklaard.