ECLI:NL:GHLEE:2004:AP1806
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- Mollema
- Zuidema
- Meijeringh
- Streppel
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep inzake uitleg vaststellingsovereenkomst en proceskostenveroordeling
Partijen sloten een vaststellingsovereenkomst ter beëindiging van hun geschil, waarin niet uitdrukkelijk werd gesproken over de proceskostenveroordeling in eerste aanleg. Appellanten stelden dat de overeenkomst inhield dat de proceskostenveroordeling ongedaan moest worden gemaakt, maar het hof oordeelde dat de bewoordingen dit niet rechtvaardigen.
Het hof benadrukte dat de uitleg van de overeenkomst niet uitsluitend taalkundig is, maar moet worden bepaald aan de hand van de redelijke verwachtingen van partijen. Appellanten faalden in hun stelplicht en bewijslevering om aan te tonen dat partijen de proceskostenveroordeling wilden uitsluiten.
Verder stond vast dat geïntimeerde de woning per 1 mei 2003 had verlaten en een vergoeding van €2.500,- had ontvangen voor verhuiskosten. Appellanten hadden geen belang meer bij hun vordering in hoger beroep, zodat zij niet-ontvankelijk werden verklaard. De kosten van het hoger beroep werden ieder voor eigen rekening gelaten.
Uitkomst: Appellanten worden niet-ontvankelijk verklaard in hun hoger beroep wegens gebrek aan belang bij de vordering tot ongedaanmaking van de proceskostenveroordeling.