ECLI:NL:GHLEE:2004:AP4889
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- Dijkstra
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid in hoger beroep en herzieningsverzoek in WAHV-zaak wegens termijnoverschrijding
Betrokkene heeft bij brief van 15 maart 2004 verzocht om heropening van het onderzoek naar aanleiding van nieuwe informatie die volgens hem tot onterechte veroordeling heeft geleid. Deze brief werd door de griffier opgevat als hoger beroepschrift tegen een beslissing van de kantonrechter van 20 februari 2003 en aan het hof voorgelegd.
Het hof overweegt dat het hoger beroep binnen zes weken na toezending van de bestreden beslissing moet worden ingediend. Aangezien het beroepschrift pas op 17 maart 2004 binnenkwam en de beslissing op 4 maart 2003 was toegezonden, is het hoger beroep niet tijdig ingediend en dient betrokkene niet-ontvankelijk te worden verklaard.
Daarnaast wordt de brief van betrokkene ook opgevat als een herzieningsverzoek op grond van nieuwe feiten. De wet sluit echter herziening van onherroepelijke uitspraken in WAHV-zaken uit en het hof kan geen rechtsmiddel toepassen dat de wet niet voorziet. Om proces-economische redenen behandelt het hof zelf het verzoek en verklaart het niet-ontvankelijk.
Tot slot draagt het hof de brief door aan de advocaat-generaal voor verdere behandeling, aangezien de brief aan de officier van justitie was gericht. Het arrest is gewezen door mr. Dijkstra en uitgesproken ter openbare zitting.
Uitkomst: Betrokkene wordt niet-ontvankelijk verklaard in het hoger beroep en herzieningsverzoek wegens termijnoverschrijding en ontbreken wettelijke herzieningsmogelijkheid.