ECLI:NL:GHLEE:2004:AR3015
Gerechtshof Leeuwarden
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bevestiging WOZ-waarde onroerende zaak ondanks bodemvervuiling en herbouw woning
Belanghebbende betwistte de door de heffingsambtenaar vastgestelde WOZ-waarde van haar woning per 1 januari 1994, stellende dat de waarde te hoog was vastgesteld vanwege bodemvervuiling op het aangrenzende perceel en het feit dat de woning op de waardepeildatum nog niet bestond.
De heffingsambtenaar handhaafde de waarde van ƒ 57.000,-- (€ 25.865,--), gebaseerd op een taxatierapport dat rekening hield met bodemverontreiniging. Het hof oordeelde dat de heffingsambtenaar met dit rapport aan zijn bewijslast had voldaan en dat de waarde niet te hoog was vastgesteld.
Verder concludeerde het hof dat de vervuiling niet tot een lagere waarde dan de vastgestelde kon leiden en dat de herbouwde staat van de woning per 1 januari 1995 bepalend was voor de waardebepaling per 1 januari 1994.
Het beroep van belanghebbende werd gegrond verklaard wegens ontvankelijkheid van het bezwaar, maar inhoudelijk afgewezen. De gemeente werd veroordeeld tot vergoeding van redelijke proceskosten van € 20,--.
Uitkomst: De WOZ-waarde van de woning per 1 januari 1994 wordt gehandhaafd op € 25.865 en de gemeente wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten.