ECLI:NL:GHLEE:2004:AU6859
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- Boon
- Wachter
- De Bock
- Melssen
- Rechtspraak.nl
Beoordeling vernietigingsverzoek tegen gedoogplicht aanleg leidingen en kabels steenzoutwinning
Frisia Zout B.V. heeft een concessie voor de winning van steenzout en wenst leidingen en kabels aan te leggen tussen winlocaties. Omdat met een deel van de rechthebbenden geen overeenstemming werd bereikt, verzocht Frisia Zout B.V. de minister van Verkeer en Waterstaat om op grond van de Belemmeringenwet Privaatrecht een gedoogplicht op te leggen.
De minister legde bij besluit van 11 december 2003 de plicht op tot gedogen van de aanleg en instandhouding van twee transportleidingen, een signaalkabel en drie elektriciteitskabels. Verzoekers stelden dat de minister onvoldoende had gemotiveerd waarom voor gedogen in plaats van onteigening was gekozen en dat de beslissing onvoldoende was gemotiveerd.
Het hof oordeelde dat verzoekers onvoldoende feiten en omstandigheden hadden aangevoerd om te onderbouwen dat onteigening noodzakelijk was of dat de belemmeringen groter waren dan redelijkerwijs nodig. Het verzoek tot vernietiging op grond van artikel 4 lid 1 Belemmeringenwet Pro Privaatrecht werd daarom afgewezen. Voor overige klachten waren verzoekers niet-ontvankelijk.
Het hof benadrukte dat het slechts kon toetsen aan de in artikel 4 lid 1 genoemde Pro gronden en dat de bestuursrechter bevoegd is voor overige bezwaren buiten deze gronden. Het verzoek tot vernietiging werd afgewezen en verzoekers werden niet-ontvankelijk verklaard voor overige gronden.
Uitkomst: Het verzoek tot vernietiging van het ministeriële besluit wordt afgewezen en verzoekers worden niet-ontvankelijk verklaard voor overige gronden.