ECLI:NL:GHLEE:2005:AR8807
Gerechtshof Leeuwarden
- Eerste aanleg - meervoudig
- Drion
- Pruiksma
- Bakker
- Rechtspraak.nl
Beoordeling aftrek hypotheekrente en heffingsrente bij borgstelling voor woning dochter
Belanghebbende stelde zich borg voor de hypotheek van zijn studerende dochter en betaalde de rente, die hij als aftrekbare hypotheekrente opvoerde in zijn aangifte inkomstenbelasting 2002. De inspecteur weigerde deze aftrek omdat de woning niet als eigen woning van belanghebbende kon worden aangemerkt, aangezien hij elders woonde.
Belanghebbende maakte bezwaar tegen deze weigering en tegen de in rekening gebrachte heffingsrente, stellende dat hij tijdig had betaald en dat de overheid onbetrouwbaar zou zijn als geen coulance werd betracht. Het gerechtshof oordeelde dat de wet geen aftrek toestaat voor borgstellers die niet zelf in de woning wonen en dat het vertrouwensbeginsel niet kan worden ingeroepen tegen een wetswijziging die de aftrek beperkt.
Verder stelde het hof vast dat de heffingsrente rechtstreeks uit de wet voortvloeit en geen boete of straf is, maar een correctie op het moment van belastingbetaling. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en er werden geen proceskosten toegewezen.
Uitkomst: Het beroep van belanghebbende tegen de weigering van renteaftrek en de heffingsrente wordt ongegrond verklaard.