ECLI:NL:GHLEE:2005:AS5644
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- Meijeringh
- Kuiper
- Breemhaar
- Rechtspraak.nl
Bevestiging finders fee overeenkomst tussen Diligence en appellante bij overname onderneming
In deze civiele zaak stond de vraag centraal of Diligence aanspraak kon maken op een finders fee van €5.000 voor werkzaamheden verricht in het kader van de overname van een onderneming die appellante zelf als kandidaat had aangedragen. De partijen waren een overeenkomst aangegaan op 26 juli 2000, waarin een finders fee van €10.000 werd afgesproken voor transacties via door Diligence geïntroduceerde kandidaten.
Uit een faxbericht van Diligence uit november 2001 bleek dat partijen een aanvullende afspraak hadden dat bij overnames van door appellante zelf aangedragen kandidaten een lagere finders fee van €5.000 zou gelden. Appellante had dit niet betwist. De kantonrechter had de vordering van Diligence toegewezen, met een wettelijke rente vanaf de dag van de dagvaarding.
Het hof oordeelde dat de werkzaamheden van Diligence wel degelijk onder de overeenkomst vielen en dat de aanvullende afspraak over de finders fee van €5.000 geacht moest worden te bestaan. De grief van appellante faalde en het hof bekrachtigde het vonnis, met een correctie van de rentegrondslag naar de datum van het vonnis. Appellante werd veroordeeld in de kosten van het hoger beroep.
Uitkomst: Het hof bevestigt dat Diligence recht heeft op een finders fee van €5.000 en veroordeelt appellante tot betaling en kosten.