ECLI:NL:GHLEE:2005:AS5734
Gerechtshof Leeuwarden
- Proceskostenveroordeling
- Poelman
- Dijkstra
- Weenink
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen sanctie voor verkeersovertreding met dubbele doorgetrokken streep
De betrokkene werd gesanctioneerd voor het zich links bevinden van een doorgetrokken streep tussen rijstroken op de Rondweg te Diepenheim. Hij stelde dat de dubbele doorgetrokken streep met een brede tussenruimte niet als een doorgetrokken streep in de zin van art. 76 RVV Pro 1990 kon worden beschouwd. Het hof oordeelde dat het niet aan de weggebruiker is om de juiste kwalificatie van de markering te beoordelen, maar dat het gaat om de redelijke perceptie van de markering als doorgetrokken streep.
Het hof verwees naar een arrest van de Hoge Raad waarin werd vastgesteld dat een dubbele doorgetrokken streep ook onder art. 76 RVV Pro 1990 valt als deze de rijstroken scheidt. Echter, in de onderhavige zaak is de weg zo ingericht dat de markering zich niet voordoet als een doorgetrokken streep tussen rijstroken, maar als kantstrepen met een tussenruimte die functioneert als een middenberm.
Daarom vernietigde het hof de eerdere sanctie en stelde vast dat de betrokkene in strijd handelde met art. 10 en Pro art. 3 RVV Pro 1990, wat een lagere sanctie rechtvaardigt. Het hof legde een boete van 86 euro op en veroordeelde de advocaat-generaal tot vergoeding van de proceskosten van de betrokkene. Tevens werd een deel van het reeds gestelde bedrag gerestitueerd.
Uitkomst: De sanctie voor het zich links bevinden van een dubbele doorgetrokken streep wordt vernietigd en gewijzigd in een boete van 86 euro voor het overtreden van art. 3 RVV 1990, met proceskostenvergoeding aan betrokkene.