ECLI:NL:GHLEE:2005:AT4405
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- Weenink
- Rechtspraak.nl
Geen doorbreking appelverbod bij sanctie aan kentekenhouder ondanks overleden bestuurder
De betrokkene stelde hoger beroep in tegen een beslissing van de kantonrechter die het beroep tegen een administratieve sanctie ongegrond verklaarde. De sanctie bedroeg 40 euro, onder de drempel van 70 euro waarvoor hoger beroep is toegestaan volgens artikel 14 WAHV Pro.
De gemachtigde voerde aan dat fundamentele beginselen van behoorlijke rechtspleging waren geschonden, omdat de sanctie aan de kentekenhouder was opgelegd terwijl de feitelijke bestuurder was overleden, en dat de kantonrechter het beroep onterecht ongegrond verklaarde.
Het hof overwoog dat de kantonrechter het beroep tegen de niet-ontvankelijkverklaring van de officier van justitie gegrond had verklaard en vervolgens inhoudelijk had behandeld. Dit betekent dat de betrokkene een eerlijke behandeling had gekregen. De enkele onenigheid met de beslissing over de oplegging van de sanctie aan de kentekenhouder rechtvaardigt geen doorbreking van het appelverbod.
Daarom verklaarde het hof het hoger beroep niet-ontvankelijk en verwierp het beroep zonder kostenveroordeling. Het arrest werd gewezen door mr. Weenink en uitgesproken in openbare zitting.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens appelverbod bij sanctie onder 70 euro.