ECLI:NL:GHLEE:2005:AT8577
Gerechtshof Leeuwarden
- Eerste aanleg - meervoudig
- H.S. Pruiksma
- F.J.W. Drion
- G.M. van der Meer
- Rechtspraak.nl
Geschil over urencriterium zelfstandigenaftrek en navordering inkomstenbelasting
Belanghebbende werd voor de jaren 1996 tot en met 1999 navorderingsaanslagen opgelegd omdat zij naar het oordeel van de inspecteur niet voldeed aan het urencriterium voor de zelfstandigenaftrek. De inspecteur baseerde dit op een nieuw feit, namelijk een verklaring van de echtgenoot van belanghebbende, die aangaf dat zij minder dan 1225 uren per jaar aan de onderneming besteedde.
Belanghebbende voerde aan dat zij wel aan het urencriterium voldeed, maar geen urenadministratie meer bijhield en dat de verklaring van haar echtgenoot onjuist was. De inspecteur stelde dat de verklaring een nieuw feit vormde dat navordering rechtvaardigde en dat de schattingen van belanghebbende onvoldoende waren om het vermoeden te ontzenuwen.
Het hof oordeelde dat het urencriterium niet was gehaald en dat het vermoeden van de inspecteur terecht was. De navorderingsaanslagen werden bevestigd, maar het hof matigde de verhogingen en boetes van 50% naar 25% vanwege de financiële situatie van belanghebbende. Tevens werden de proceskosten aan belanghebbende toegekend.
Uitkomst: Navorderingsaanslagen bevestigd, maar boetes en verhogingen gematigd tot 25%, proceskosten toegekend aan belanghebbende.