ECLI:NL:GHLEE:2005:AU1556
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- Dijkstra
- Poelman
- Weenink
- Rechtspraak.nl
Betrouwbaarheid en correctie van snelheidsmeting bij verkeersboete
Het gerechtshof Leeuwarden behandelde het hoger beroep tegen een beslissing van de kantonrechter Utrecht inzake een snelheidsoverschrijding. De betrokkene werd beboet voor het rijden met een snelheid van 151 km/u, waarbij werd vastgesteld dat hij tijdens de meting in een rechte lijn reed, zij het schuin over het wegdek.
Deskundigen van het Politie Instituut Verkeer en Milieu onderzochten de betrouwbaarheid van het meetmiddel en de invloed van de hoek waaronder werd gemeten. Uit hun analyse bleek dat een kleinere meethoek niet per definitie leidt tot een onjuiste meting, maar dat correcties noodzakelijk zijn. Op basis van een computersimulatie werd de maximale afwijking van de rijrichting geschat op 5,9 graden.
De betrokkene voerde aan dat vanwege zijn specialistische rijopleiding een hogere hechtingscoëfficiënt van 0,8 toegepast moest worden, maar het hof achtte dit niet aannemelijk en hanteerde de standaardwaarde van 0,5. Na toepassing van de juiste correcties stelde het hof de werkelijke snelheid vast op 141 km/u, wat leidt tot een lagere sanctie van 80 euro. De eerdere beschikking werd vernietigd en gewijzigd, en teveel betaalde zekerheid werd gerestitueerd.
Uitkomst: De sanctie wordt gewijzigd naar 80 euro op basis van een gecorrigeerde snelheid van 141 km/u.