ECLI:NL:GHLEE:2005:AU8238
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- Dijkstra
- Rechtspraak.nl
Bevestiging onrechtmatige snelheidsmeting met radarsnelheidsmeter in berm autosnelweg
De betrokkene werd administratief gesanctioneerd wegens het overschrijden van de maximumsnelheid op de Rijksweg A28 te Wezep. Hij stelde dat de snelheidsmeting onrechtmatig was omdat de radarsnelheidsmeter in de berm van de autosnelweg was opgesteld, wat volgens hem in strijd zou zijn met het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 (RVV 1990).
De kantonrechter verklaarde het beroep van de betrokkene ongegrond. In hoger beroep bevestigde het Gerechtshof Leeuwarden deze beslissing. Het hof overwoog dat op grond van artikel 87 RVV Pro 1990 ontheffing kan worden verleend van bepaalde bepalingen, waaronder artikel 43 dat Pro het gebruik van de berm en vluchtstrook op autosnelwegen reguleert.
Het Besluit van de minister van Verkeer en Waterstaat verleent politieambtenaren vrijstelling van deze bepalingen, mits de veiligheid van het verkeer zoveel mogelijk wordt gewaarborgd en het gebruik noodzakelijk is voor de uitvoering van hun taken. Het hof stelde vast dat de opstelling van de meetapparatuur door politieambtenaren geschiedde en dat de veiligheid niet in het geding was. Daarom was de snelheidsmeting rechtmatig en de boete terecht opgelegd.
Uitkomst: De beslissing van de kantonrechter wordt bevestigd; de snelheidsmeting is rechtmatig en de boete blijft van kracht.