ECLI:NL:GHLEE:2005:AU8612

Gerechtshof Leeuwarden

Datum uitspraak
21 december 2005
Publicatiedatum
4 april 2013
Zaaknummer
300481
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Hoger beroep
Rechters
  • Mollema
  • Zuidema
  • Kuiper
  • Streppel
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 243 Rv
Verwijzingen
1 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Vonnis vernietigd wegens niet-naleving comparitie en afwijzing wederzijdse vorderingen

Het gerechtshof Leeuwarden behandelde een civiele zaak waarin geïntimeerde niet voldeed aan het bevel tot verschijning bij comparitie, aangezien hij zonder geldige reden afwezig was en zich slechts liet vertegenwoordigen door zijn raadsvrouw. Hierdoor kon hij zich niet uitlaten over de bonnen waarop appellant zich beroept.

Appellant stelde dat geïntimeerde zijn handtekening had geplaatst op diverse bonnen, hetgeen door geïntimeerde niet werd weersproken of toegelicht. Het hof nam dit als vaststaand aan en kwalificeerde de bonnen als betalingsbewijzen.

Het hof vernietigde het bestreden vonnis en wees de vorderingen van beide partijen af. Daarnaast werden de proceskosten verdeeld, waarbij geïntimeerde werd belast met kosten van de procedure in eerste aanleg in conventie en het principaal appel, en appellant met de kosten van de procedure in eerste aanleg in reconventie en het incidenteel appel.

Het arrest werd uitvoerbaar bij voorraad verklaard en uitgesproken door mr Streppel namens een kamer met drie raadsheren.

Uitkomst: Het hof vernietigt het vonnis en wijst de wederzijdse vorderingen af.

Uitspraak

Arrest d.d. 21 december 2005
Rolnummer 0300481
HET GERECHTSHOF TE LEEUWARDEN
Arrest van de eerste kamer voor burgerlijke zaken in de zaak van:
[appellant],
wonende te [woonplaats appellant],
appellant in het principaal en geïntimeerde in het incidenteel appel,
in eerste aanleg: gedaagde in conventie en eiser in reconventie,
hierna te noemen: [appellant],
procureur: mr R.A. Schütz,
tegen
[geïntimeerde],
wonende te [woonplaats geïntimeerde],
geïntimeerde in het principaal en appellant in het incidenteel appel,
in eerste aanleg: eiser in conventie en verweerder in reconventie,
hierna te noemen: [geïntimeerde],
toevoeging,
procureur: mr S.A. Roodhof.
De inhoud van het tussenarrest d.d. 25 augustus 2004 wordt hier overgenomen.
Het verdere procesverloop
De bij bedoeld tussenarrest bevolen comparitie van partijen is gehouden. Daarvan is proces-verbaal opgemaakt.
[appellant] heeft een akte genomen waarbij producties zijn overgelegd.
[geïntimeerde] heeft een antwoordakte genomen.
Vervolgens heeft [appellant] de stukken wederom overgelegd voor het wijzen van arrest.
De verdere beoordeling
1. Het hof stelt vast dat [geïntimeerde] niet heeft voldaan aan het door het hof bij tussenarrest gegeven bevel tot verschijning, nu hij immers zonder opgave van een geldige reden niet ter comparitie is verschenen en zich daar slechts heeft laten vertegenwoordigen door zijn raadsvrouw. Dientengevolge heeft [geïntimeerde] zich ter comparitie niet uit kunnen laten over de "bonnen" waarop [appellant] zich beroept en waaromtrent het hof in zijn tussenarrest het nodige heeft opgemerkt (zie rechtsoverweging 9) en terzake waarvan het hof vragen had aangekondigd (zie rechtsoverweging 10).
2. Ook in zijn laatste akte heeft [geïntimeerde] zich niet nader over deze "bonnen" uitgelaten en heeft hij gemeend te kunnen volstaan met een verwijzing naar zijn standpunt terzake in eerste aanleg.
3. Nu de stelling van [appellant] dat [geïntimeerde] een groot aantal van die "bonnen" van zijn handtekening heeft voorzien ("[naam]") niet is weersproken, neemt het hof dat als vaststaand aan. Waar [geïntimeerde] bovendien - ondanks het uitdrukkelijke verzoek van het hof daartoe - geen verklaring heeft gegeven voor het plaatsen van zijn handtekening op de diverse "bonnen", moet het er voor worden gehouden dat hetgeen [appellant] dienaangaande heeft gesteld juist is, zodat de afgetekende bonnen als betalingsbewijzen hebben te gelden.
4. Het vorenstaande betekent dat de principale grieven doel treffen en dat de vordering van [geïntimeerde] grondslag ontbeert.
Slotsom
5. Het beroepen vonnis dient te worden vernietigd. Opnieuw rechtdoende zullen de vorderingen, die partijen over en weer hebben ingesteld, alsnog worden afgewezen. [geïntimeerde] zal worden belast met de kosten van de procedure in eerste aanleg in conventie (salaris gemachtigde: 4,5 punt tarief VI -oud) en [appellant] met de kosten van de procedure in eerste aanleg in reconventie (salaris gemachtigde: 3 punt tarief VIII-oud). [geïntimeerde] zal worden belast met de kosten van het principaal appel (salaris procureur: 2,5 punt tarief I) en [appellant] met de kosten van het incidenteel appel (salaris procureur 1.25 punt tarief II);
De beslissing
Het gerechtshof:
vernietigt het vonnis waarvan beroep, zowel in conventie als in reconventie;
wijst de vorderingen in conventie en in reconventie af;
veroordeelt [geïntimeerde] in de kosten van de procedure in eerste aanleg in conventie, tot op heden aan de zijde van [appellant] begroot op euro 118,20 aan verschotten en op euro 1.215,-- aan salaris voor de gemachtigde;
veroordeelt [appellant] in de kosten van de procedure in eerste aanleg in reconventie, tot op heden aan de zijde van [geïntimeerde] begroot op nihil aan verschotten en op euro 1.230,-- aan salaris voor de gemachtigde;
veroordeelt [geïntimeerde] in de kosten van het principaal appel, tot op heden aan de zijde van [appellant] begroot op euro 273,20 aan verschotten en op euro 1.580,-- aan salaris voor de procureur;
veroordeelt [appellant] in de kosten van het incidenteel appel, tot op heden aan de zijde van [geïntimeerde] begroot op nihil aan verschotten en op euro 1.117,50 aan salaris voor de procureur;
bepaalt dat door partij [appellant] van voormelde bedragen aan de griffier dient te worden voldaan euro 1.117,50 voor salaris voor de procureur, op rekeningnummer 19.23.06.103 t.n.v. DS 541 MVJ Arrondissement Leeuwarden, die daarmee zal handelen overeenkomstig het bepaalde in artikel 243 Rv Pro;
verklaart dit arrest uitvoerbaar bij voorraad;
Aldus gewezen door mrs Mollema, voorzitter, Zuidema en Kuiper, raden, en uitgesproken door mr Streppel, vice-president, lid van een enkelvoudige kamer, in tegenwoordigheid van de heer Bilstra als griffier ter openbare terechtzitting van dit hof van woensdag 21 december 2005.