ECLI:NL:GHLEE:2006:AV5114
Gerechtshof Leeuwarden
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- F.J.W. Drion
- Rechtspraak.nl
Gegrond beroep op zelfstandigenaftrek bij internationaal transportbedrijf ondanks samenwerkingsverband
Belanghebbende was vennoot in een vennootschap onder firma die een internationaal transportbedrijf exploiteerde samen met haar echtgenoot. Over 2001 werd haar zelfstandigenaftrek door de inspecteur geweigerd omdat haar werkzaamheden als ondersteunend werden beschouwd en het samenwerkingsverband als ongebruikelijk.
Het hof stelde vast dat belanghebbende ten minste 1225 uren aan de onderneming had besteed en dat zij een leidende rol vervulde, betrokken was bij het beleid en beslissingen, en kennis had van de bedrijfsvoering en financiële positie. Hoewel zij niet de planning verzorgde, was de verdeling van werkzaamheden niet ongebruikelijk voor derden.
Daarom oordeelde het hof dat niet was voldaan aan de cumulatieve uitsluitingsgronden van artikel 3.6, tweede lid, onderdeel a, van de Wet inkomstenbelasting 2001. Het beroep werd gegrond verklaard, de aanslag verminderd en proceskosten werden toegewezen aan belanghebbende.
Uitkomst: Het beroep van belanghebbende wordt gegrond verklaard en de aanslag inkomstenbelasting over 2001 wordt verminderd.