ECLI:NL:GHLEE:2006:AV6514
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- Knijp
- De Bock
- Buijs
- Rechtspraak.nl
Aansprakelijkheid bestuurders voor onrechtmatig handelen jegens minderheidsaandeelhouder
In deze civiele zaak stond de vraag centraal of het onrechtmatig handelen van bestuurders jegens een minderheidsaandeelhouder moest worden getoetst aan de verzwaarde eis van ernstig verwijtbaar handelen zoals neergelegd in art. 2:9 BW Pro. De rechtbank had deze eis toegepast en geoordeeld dat de bestuurders niet aansprakelijk waren omdat niet aan deze eis was voldaan.
Het hof oordeelde dat deze verzwaarde maatstaf niet van toepassing is op de verhouding tussen bestuurders en individuele aandeelhouders die geen orgaan van de rechtspersoon zijn. Het onrechtmatig handelen jegens de aandeelhouder werd daardoor niet geblokkeerd door de eis van ernstig verwijtbaar handelen. Het hof stelde vast dat bestuurders een zorgvuldigheidsnorm hadden geschonden door zonder goedkeuring van de algemene vergadering van aandeelhouders (AVA) een besluit tot aanvraag van surseance van betaling te nemen.
De normschending was gericht op bescherming van de belangen van de minderheidsaandeelhouder NOM. Het hof oordeelde dat de bestuurders persoonlijk aansprakelijk zijn voor de schade die NOM als aandeelhoudster heeft geleden. De primaire schadevordering werd verwezen naar een schadestaatprocedure, omdat de omvang van de schade nog niet kon worden vastgesteld. De proceskosten werden ieder voor eigen rekening gelaten.
Uitkomst: Bestuurders zijn persoonlijk aansprakelijk voor onrechtmatig handelen jegens NOM als minderheidsaandeelhouder zonder toepassing van de verzwaarde eis van ernstig verwijtbaar handelen.