ECLI:NL:GHLEE:2006:AX6494

Gerechtshof Leeuwarden

Datum uitspraak
23 maart 2006
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
WAHV 05-01487
Instantie
Gerechtshof Leeuwarden
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Proceskostenveroordeling
Rechters
  • Dijkstra
  • Weenink
  • Van Wagtendonk
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 11 WAHVArt. 14 WAHVArt. 1 Besluit proceskosten bestuursrechtArt. 2 Besluit tarieven in strafzaken 2003
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoger beroep tegen administratieve sanctie en proceskostenvergoeding WAHV

De betrokkene werd een administratieve sanctie van €45,- opgelegd wegens het handelen in strijd met een gesloten verklaring volgens de WAHV. De kantonrechter schortte de behandeling van het beroep voor onbepaalde tijd en liet de officier van justitie aanvullende informatie indienen zonder de betrokkene hiervan op de hoogte te stellen of een vervolgzitting te beleggen.

Het hof oordeelt dat deze handelwijze in strijd is met het beginsel van hoor en wederhoor, omdat de betrokkene niet in de gelegenheid is gesteld te reageren op de aanvullende informatie. Hierdoor wordt het appelverbod doorbroken en wordt het hoger beroep ontvankelijk verklaard.

Na beoordeling van de feiten stelt het hof vast dat niet is komen vast te staan dat de overtreding is begaan. De sanctie en de beslissing van de officier van justitie worden vernietigd en het gestelde bedrag aan zekerheid wordt gerestitueerd.

Verder wordt de betrokkene een redelijke vergoeding toegekend voor reiskosten en verletkosten in verband met de zitting bij de kantonrechter. De proceskosten worden vastgesteld op €55,78 en de advocaat-generaal wordt veroordeeld tot vergoeding hiervan.

Het hof besluit de zaak zonder zitting af te doen vanwege de niet-geschilpunten en het schriftelijke kostenverzoek.

Uitkomst: Het gerechtshof vernietigt eerdere beslissingen, verklaart het beroep gegrond en veroordeelt tot vergoeding van proceskosten wegens schending van hoor en wederhoor.

Uitspraak

WAHV 05/01487
23 maart 2006
CJIB 69081459187
Gerechtshof te Leeuwarden
Arrest
op het hoger beroep tegen de beslissing
van de kantonrechter van de rechtbank te Haarlem
van 18 oktober 2005
betreffende
[betrokkene] (hierna te noemen: betrokkene),
wonende te [woonplaats].
1. De beslissing van de kantonrechter
De kantonrechter heeft het beroep van de betrokkene tegen de beslissing van de officier van justitie in het arrondissement Haarlem gegrond verklaard. De beslissing van de kantonrechter is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
2. Het procesverloop
De betrokkene heeft tegen de beslissing van de kantonrechter hoger beroep ingesteld.
De advocaat-generaal heeft een verweerschrift ingediend.
De betrokkene is in de gelegenheid gesteld het beroep schriftelijk nader toe te lichten. Van deze gelegenheid is geen gebruik gemaakt.
3. Beoordeling
3.1. Aan de betrokkene is als kentekenhouder bij inleidende beschikking een administratieve sanctie van Euro 45,- opgelegd ter zake van "als bestuurder handelen in strijd met een gesloten verklaring, motorvoertuig op meer dan twee wielen (bord C6)", welke gedraging zou zijn verricht op 5 april 2005 op het Purmerland te Purmerland met het voertuig met het kenteken [kenteken].
3.2. De officier van justitie heeft het beroep van de betrokkene tegen de inleidende beschikking ongegrond verklaard. De betrokkene is in beroep gegaan van deze beslissing. De kantonrechter heeft ter zitting van 13 september 2005 de behandeling van het beroep voor onbepaalde tijd geschorst en de officier van justitie in de gelegenheid gesteld om aanvullende informatie in te dienen. Bij brief van 12 oktober 2005 heeft de officier de aanvullende informatie ingediend. Uit de stukken blijkt niet dat de betrokkene kennis heeft kunnen nemen van deze informatie. Op basis van de aanvullende informatie heeft de kantonrechter zonder partijen op te roepen voor een vervolgzitting het beroep van de betrokkene gegrond verklaard en uitspraak gedaan op 18 oktober 2005. Hierbij is geen kostenvergoeding toegekend.
3.3. De betrokkene voert onder meer aan dat hij niet is uitgenodigd voor de zitting van de kantonrechter van 18 oktober 2005 en derhalve niet in de gelegenheid is geweest om een kostenverzoek in te dienen. Hij wil graag weten hoe en bij wie hij de door hem gemaakte kosten kan declareren.
3.4. Ingevolge het bepaalde in artikel 14 WAHV Pro kan tegen de beslissing van de kantonrechter hoger beroep bij het gerechtshof te Leeuwarden worden ingesteld, indien de opgelegde administratieve sanctie bij die beslissing meer bedraagt dan Euro 70,- of indien de betrokkene niet-ontvankelijk is verklaard wegens het niet of niet tijdig stellen van zekerheid als bedoeld in art. 11, derde lid, WAHV. De kantonrechter heeft in de onderhavige zaak het beroep van de betrokkene gegrond verklaard en de inleidende beschikking en de beslissing van de officier van justitie vernietigd. Op grond van het bovenstaande dient de betrokkene in beginsel niet-ontvankelijk te worden verklaard in het hoger beroep.
3.5. Het hof is van oordeel dat, wanneer een beroep wordt gedaan op schending van zo fundamentele beginselen van behoorlijke rechtspleging dat geen sprake is van een eerlijke en onpartijdige behandeling en dit beroep gegrond moet worden geacht, doorbreking van het appelverbod van art. 14, eerste lid, WAHV gewettigd is. Indien een partij niet is opgeroepen om te worden gehoord en de rechter niettemin een beslissing in de zaak van die partij neemt, kan er naar het oordeel van het hof sprake zijn van schending van het beginsel van hoor en wederhoor.
3.6. Uit het proces-verbaal van de zitting van de kantonrechter van 18 oktober 2005 blijkt dat de officier van justitie en de betrokkene niet ter zitting zijn verschenen. In het dossier bevinden zich voorts geen oproepingen voor deze zitting. De omslag van het dossier bij de kantonrechter bevat onder meer de volgende gegevens:
"Zitting: d.d. dinsdag 13 september 2005 te 09.30 uur.
Zitting aangehouden tot d.d.: a.o.t. (het hof leest: aangehouden voor onbepaalde tijd) naar aanleiding van stukken gegrond verklaren zonder zitting".
3.7. De WAHV biedt niet de mogelijkheid om, wanneer de behandeling ter zitting voor onbepaalde tijd is geschorst, naar aanleiding van aanvullende informatie het onderzoek te sluiten en de zaak af te doen zonder partijen op te roepen voor een vervolgzitting. Nu de kantonrechter de zaak heeft afgedaan zonder partijen op te roepen voor een vervolgzitting of hen voor die handelswijze toestemming te vragen en de betrokkene evenmin anderszins in de gelegenheid heeft gesteld om op de aanvullende informatie te reageren, is naar het oordeel van het hof sprake van schending van het beginsel van hoor en wederhoor. Dit heeft tot gevolg dat de betrokkene, hoewel art. 14 WAHV Pro niet voorziet in hoger beroep, toch moet worden ontvangen. Het hof zal derhalve de beslissing van de kantonrechter vernietigen en doen wat deze had behoren te doen.
3.8. Gelet op hetgeen de betrokkene in de procedure bij de kantonrechter heeft aangevoerd alsmede op de aanvullende informatie van de officier van justitie is naar het oordeel van het hof niet komen vast te staan dat de gedraging is verricht. De beslissing van de officier van justitie en de inleidende beschikking dienen daarom te worden vernietigd en het bedrag dat de betrokkene aan zekerheid heeft gesteld dient aan hem te worden terugbetaald.
3.9. De betrokkene vraagt om vergoeding van de volgende kosten:
- Hij heeft een vrije dag moeten nemen in verband met het bijwonen van de zitting van de kantonrechter te Zaandam. Dit heeft hem, gelet op zijn netto uurloon, ongeveer Euro 100,- gekost.
- Reiskosten [plaatsen] v.v. à Euro 7,-.
- Kosten voor briefpapier, telefoon, enveloppen, postzegels e.d. à Euro 10,-.
3.10. Ingevolge artikel 1 van Pro het Besluit proceskosten bestuursrecht komen de reis- en verletkosten van de betrokkene in verband met het bijwonen van de zitting van de kantonrechter voor vergoeding in aanmerking. De opgegeven kosten voor de gevoerde correspondentie en telefoongesprekken komen echter niet voor vergoeding in aanmerking.
3.11. Ingevolge art. 2, eerste lid, aanhef en onder c, van voormeld Besluit in samenhang met art. 11, eerste lid, onderdeel c, van het Besluit tarieven in strafzaken 2003 worden reiskosten berekend naar het tarief per openbaar middel van vervoer, laagste klasse. Derhalve zal het hof ter zake van reiskosten ([plaatsen] v.v.) aan de betrokkene een bedrag toekennen van Euro 5,78.
3.12. Het hof acht het redelijk om aan de betrokkene ter zake van de verletkosten een vergoeding voor vier uren toe te kennen. Ingevolge het bepaalde in art. 2, eerste lid, onder d, van voornoemd Besluit wordt het bedrag van de verletkosten vastgesteld overeenkomstig een tarief dat, afhankelijk van de omstandigheden, tussen Euro 4,54 en Euro 53,09 per uur bedraagt. Het hof acht het door de betrokkene opgevoerde netto dagloon van Euro 100, - uitgaande van een achturige werkdag - niet onredelijk. Derhalve zal aan de betrokkene een bedrag van Euro 50,- worden vergoed.
3.13. In beginsel dient het hof, gelet op het voorgaande, de zaak op een zitting te behandelen. Nu echter de feiten ten aanzien van de hoofdzaak niet in geschil zijn en de betrokkene in hoger beroep een onderbouwd kostenverzoek heeft ingediend, waarover de advocaat-generaal zich schriftelijk heeft uitgelaten, zal het hof uit proceseconomische overwegingen de zaak zonder zitting afdoen.
4. De beslissing
Het gerechtshof:
vernietigt de beslissing van de kantonrechter;
verklaart het beroep gegrond;
vernietigt de beslissing van de officier van justitie d.d. 19 mei 2005, alsmede de beschikking waarbij onder CJIB-nummer 69081459187 de administratieve sanctie is opgelegd;
bepaalt dat hetgeen door de betrokkene op de voet van art. 11 WAHV Pro tot zekerheid is gesteld, te weten een bedrag van
Euro 45,-, door de advocaat-generaal aan hem wordt gerestitueerd;
veroordeelt de advocaat-generaal tot het vergoeden van de proceskosten van de betrokkene, ter hoogte van Euro 55,78.
Dit arrest is gewezen door mrs. Dijkstra, Weenink en Van Wagtendonk, in tegenwoordigheid van De Ruijter als griffier, en uitgesproken ter openbare zitting.