ECLI:NL:GHLEE:2006:AX6567
Gerechtshof Leeuwarden
- Proceskostenveroordeling
- Dijkstra
- Weenink
- Van Wagtendonk
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen niet-ontvankelijkheid proceskostenvergoeding administratief beroep WAHV
De betrokkene kreeg een administratieve sanctie opgelegd wegens overschrijding van de maximumsnelheid op een weg buiten de bebouwde kom. Tegen deze beschikking werd administratief beroep ingesteld bij de officier van justitie, die de beschikking vernietigde maar het verzoek om proceskostenvergoeding afwees. De kantonrechter verklaarde het beroep van de betrokkene tegen deze afwijzing niet-ontvankelijk, omdat het geen beroep betrof tegen een in art. 9 WAHV Pro genoemde beslissing.
De gemachtigde van de betrokkene stelde hoger beroep in tegen deze niet-ontvankelijkverklaring. Het hof overwoog dat het beroep wel ontvankelijk is omdat de kantonrechter volgens vaste jurisprudentie bevoegd is om over proceskosten van het administratief beroep te oordelen en dat het recht op toegang tot de rechter (art. 6 EVRM Pro) vereist dat de betrokkene in hoger beroep wordt ontvangen.
Het hof oordeelde dat de fax van de gemachtigde moet worden gezien als een rechtstreeks beroep op de kantonrechter tegen de afwijzing van het verzoek om kostenvergoeding. De beslissing van de kantonrechter werd vernietigd en de zaak werd terugverwezen naar de rechtbank. Tevens veroordeelde het hof de advocaat-generaal tot vergoeding van de proceskosten van het hoger beroep, vastgesteld op €241,50.
Deze uitspraak verduidelijkt de procedurele positie van betrokkene in administratiefrechtelijke verkeerszaken en bevestigt het belang van toegang tot de rechter bij geschillen over proceskostenvergoeding.
Uitkomst: Het hoger beroep is ontvankelijk verklaard, de beslissing van de kantonrechter vernietigd en de zaak terugverwezen met een proceskostenvergoeding van €241,50.