ECLI:NL:GHLEE:2006:AY5848
Gerechtshof Leeuwarden
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Geen aftrek buitengewone lasten voor studiefinanciering dochters in 1999
Belanghebbende heeft bezwaar gemaakt tegen de aanslag inkomstenbelasting over 1999 omdat zij meent recht te hebben op aftrek van buitengewone lasten voor uitgaven ten behoeve van het levensonderhoud van haar dochters die studeerden.
De inspecteur heeft de aanslag verminderd, maar het beroep van belanghebbende is door het hof ongegrond verklaard. Het hof overweegt dat volgens de Wet op de inkomstenbelasting 1964 buitengewone lasten alleen aftrekbaar zijn voor kinderen jonger dan 27 jaar die geen recht hebben op kinderbijslag en zelf geen studiefinanciering ontvangen.
Dochter D ontving het gehele jaar studiefinanciering, en dochter E ontving studiefinanciering in vrijwel het hele jaar behalve juli en augustus. Belanghebbende heeft niet aannemelijk gemaakt dat zij in die twee maanden lasten droeg voor het levensonderhoud van dochter E.
Daarom oordeelt het hof dat geen aftrek van buitengewone lasten toekomt. Het beroep wordt ongegrond verklaard en er worden geen proceskosten toegewezen.
Uitkomst: Het beroep van belanghebbende wordt ongegrond verklaard en er is geen recht op aftrek van buitengewone lasten voor studiefinanciering van haar dochters in 1999.