ECLI:NL:GHLEE:2006:AY9569
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- Kuiper
- Breemhaar
- Zandbergen
- Rechtspraak.nl
Bevestiging vonnis rechtbank inzake onrechtmatigheid en causaal verband bij bod op onroerende zaken
Centavos B.V. en Vastgoed Investment Groningen B.V. (VIG) stelden dat De Rijnlandse Hypotheekbank B.V. een bod van hen op onroerende zaken ter hoogte van €780.000,- had aanvaard, maar deze acceptatie niet gestand deed. De Rijnlandse betwistte dat zij onvoorwaardelijk had ingestemd met het bod. De rechtbank oordeelde dat zelfs als toestemming was gegeven, niet vaststaat dat de lening die Centavos of VIG aan betrokkene verstrekte, als schade in causaal verband staat met de vermeende schending van de toezegging.
In hoger beroep onderschreef het hof deze redenering en stelde dat voor toewijzing van de gewijzigde vordering vast moet staan dat De Rijnlandse onrechtmatig heeft gehandeld en dat aannemelijk is dat daardoor schade is berokkend. Centavos c.s. baseerden hun stelling slechts op een mededeling van een kandidaat-notaris, zonder feitelijke onderbouwing of bewijs van onrechtmatig handelen.
Daarnaast werd geoordeeld dat de vordering tegen geïntimeerde 2 onvoldoende feitelijk was onderbouwd en dat diens handelen niet onrechtmatig was. Het hof bekrachtigde het vonnis van de rechtbank en veroordeelde Centavos c.s. in de kosten van het geding in hoger beroep.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis van de rechtbank en wijst de vordering van Centavos c.s. af wegens gebrek aan onrechtmatig handelen en causaal verband.