ECLI:NL:GHLEE:2006:AZ2222
Gerechtshof Leeuwarden
- Eerste aanleg - meervoudig
- J. Huiskes
- G.M. van der Meer
- H. Bakker
- Rechtspraak.nl
Beoordeling of land aanhorigheid is van woning voor inkomstenbelasting
Belanghebbende had voor het jaar 2002 een aanslag inkomstenbelasting ontvangen met betrekking tot zijn woning en een stuk land. De vraag was of het land als aanhorigheid van de woning kon worden aangemerkt, waardoor de hypotheekrente op het land aftrekbaar zou zijn.
Belanghebbende kocht in 1997 een woning met bijbehorend perceel en tevens een stuk land. Het land werd gebruikt voor het houden van schapen en koeien en was fysiek gescheiden van de woning. De inspecteur erkende de aftrek van hypotheekrente voor de woning, maar niet voor het land.
Het hof oordeelde dat het land gezien de grootte, het gebruik en de scheiding door een stroomdraad niet kan worden beschouwd als aanhorigheid van de woning. Ook het feit dat vroeger een beklemming op beide percelen lag, en dat de gemeente het geheel als één object voor de WOZ aanmerkt, doet hieraan niet af.
Daarom is de hypotheekrente voor het land niet aftrekbaar. Het beroep van belanghebbende wordt ongegrond verklaard en de aanslag blijft in stand.
Uitkomst: Het hof verklaart het beroep ongegrond en bevestigt dat het land niet als aanhorigheid van de woning kan worden aangemerkt voor hypotheekrenteaftrek.