ECLI:NL:GHLEE:2006:AZ2848
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- Zuidema
- Kuiper
- Breemhaar
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep over ontslag op staande voet en doorbetaling loon bestuurder
Deze zaak betreft een hoger beroep van een bestuurder ([appellant]) tegen het ontslag op staande voet gegeven door zijn werkgever, Berchtold B.V., en de daarop volgende vorderingen tot doorbetaling van loon, vakantiegeld, huur en kosten.
De appellant trad in 1999 aan als statutair bestuurder van Berchtold, een dochteronderneming van een Duits concern. Na tegenvallende resultaten werd hij in april 2001 geschorst en ontslag per 31 juli 2001 aangekondigd. Op 6 juli 2001 volgde een ontslag op staande voet wegens vermeende onbevoegdheden. De appellant stelde dat het ontslag nietig was wegens het ontbreken van een dringende reden en toestemming van de Regionaal Directeur Arbeidsvoorziening, en vorderde loon en huurbetaling.
De rechtbank wees zijn vorderingen grotendeels af en oordeelde dat het ontslag geldig was. In hoger beroep bevestigde het hof dit oordeel, wijzend op de wettelijke regel dat het ontbreken van een dringende reden niet de beëindiging van de arbeidsovereenkomst verhindert maar leidt tot schadeplichtigheid. Tevens is bepaald dat de toestemming van de Regionaal Directeur niet vereist is voor bestuurders. De vorderingen tot doorbetaling van loon en huur werden afgewezen, evenals de vordering tot vergoeding van buitengerechtelijke kosten. Het hof bekrachtigde de eerdere vonnissen en veroordeelde appellant in de kosten van het hoger beroep.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het ontslag op staande voet en wijst de vorderingen tot doorbetaling van loon en huur af.