ECLI:NL:GHLEE:2006:AZ5593
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep kort geding
- Mollema
- Kuiper
- Breemhaar
- Rechtspraak.nl
Uitleg ontbindingsbeschikking arbeidsovereenkomst en verrekening WW-uitkering
In deze zaak staat de uitleg van het dictum van een ontbindingsbeschikking ex artikel 7:685 BW Pro centraal, waarbij de arbeidsovereenkomst tussen partijen werd ontbonden met toekenning van een vergoeding aan de werknemer, verminderd met de WW-uitkering. De kantonrechter had de vergoeding vastgesteld op basis van een ontbinding per 1 december 2005 en een WW-uitkering van vier jaren.
De werknemer stelde dat de vergoeding ineens toekwam en dat de WW-uitkering steeds na ontvangst aan de werkgever moest worden gerestitueerd. De werkgever vorderde een executieverbod voor een bedrag hoger dan €104.329,60, zijnde de vergoeding minus de WW-uitkering over vijf jaren.
Het hof oordeelde dat de ontbindingsvergoeding bedoeld is om inkomensverlies tot de pensioengerechtigde leeftijd te compenseren en dat de WW-uitkering in mindering moet worden gebracht op de vergoeding. Omdat de arbeidsovereenkomst volgens het dictum per 1 januari 2006 werd ontbonden, is de WW-uitkering over vijf jaren van toepassing. Het hof vernietigde het eerdere vonnis voor zover het dictum betreft, bevestigde het overige en legde een executieverbod op voor een bedrag hoger dan €104.329,60.
De kosten van de procedure werden aan de werknemer opgelegd. Het arrest is uitvoerbaar bij voorraad en werd gewezen door een enkelvoudige kamer van het Gerechtshof Leeuwarden op 20 december 2006.
Uitkomst: Het hof legt een executieverbod op voor een bedrag hoger dan €104.329,60 en verduidelijkt dat de WW-uitkering over vijf jaren op de ontbindingsvergoeding in mindering wordt gebracht.