ECLI:NL:GHLEE:2007:AZ7627
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- Zuidema
- Kuiper
- Breemhaar
- Rechtspraak.nl
Beoordeling geldigheid ontslag op staande voet en nietigheid daarvan
In deze zaak staat centraal of de werknemer binnen zes maanden na het ontslag op staande voet de nietigheid daarvan heeft ingeroepen. De werknemer was op 1 april 2004 in dienst getreden en werd op 8 februari 2005 op staande voet ontslagen wegens herhaaldelijke afwezigheid.
De werknemer stuurde op 11 maart 2005 een brief aan de werkgever, maar het hof en de kantonrechter oordelen dat deze brief onvoldoende duidelijkheid geeft dat de werknemer het ontslag betwist of haar werkzaamheden wil hervatten. Er is geen andere communicatie die binnen de wettelijke termijn een beroep op nietigheid van het ontslag inhoudt.
Daarmee wordt het ontslag als geldig beschouwd en ziet het hof geen aanleiding om te onderzoeken of het ontslag aan de wettelijke eisen voldeed. De grieven van de werknemer worden verworpen en het vonnis van de rechtbank Groningen wordt bekrachtigd.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het ontslag op staande voet als geldig en wijst het beroep van de werknemer af.