ECLI:NL:GHLEE:2007:BA4009
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- Mollema
- Kuiper
- De Hek
- Rechtspraak.nl
Bevestiging tussentijdse beëindiging huurovereenkomst bedrijfsruimte met wederzijdse instemming
Tussen Lambda V.O.F. als huurster en appellant als verhuurder bestond een huurovereenkomst voor bedrijfsruimte, oorspronkelijk aangegaan voor vijf jaar vanaf 1 januari 1997 en verlengd tot 1 januari 2007. Appellant vorderde betaling van huur en energiekosten over april tot oktober 2005, terwijl Lambda c.s. stelde dat de huurovereenkomst met instemming van appellant per 1 april 2005 was beëindigd.
De kantonrechter wees de vorderingen van appellant af. In hoger beroep bevestigde het hof dat Lambda c.s. voldoende bewijs hadden geleverd van de instemming van appellant met de tussentijdse beëindiging, onder meer door correspondentie en sleuteloverdracht. Appellant leverde geen tegenbewijs en protesteerde niet na ontvangst van de sleutels.
Het hof verklaarde appellant niet ontvankelijk voor het deel van het appel dat betrekking had op de reconventie, bekrachtigde het vonnis van de kantonrechter voor het conventionele deel en veroordeelde appellant in de kosten van het hoger beroep.
Uitkomst: Het gerechtshof bevestigde de tussentijdse beëindiging van de huurovereenkomst per 1 april 2005 met instemming van appellant en wees het hoger beroep af.