ECLI:NL:GHLEE:2007:BA7684
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- S.H. Wachter
- M.F.H.M. van Haastert
- G. Dam
- Rechtspraak.nl
Veroordeling voor doodslag en verboden wapenbezit met verminderde toerekeningsvatbaarheid
De verdachte had een verstoorde relatie met het slachtoffer, gekenmerkt door drugsgebruik en relatieproblemen. Op 24 maart 2006 stak hij het slachtoffer meerdere keren met een mes nadat een emotionele uitbarsting ontstond tijdens een ontmoeting op het station in een plaats. Het hof oordeelde dat er geen sprake was van voorbedachten rade en sprak verdachte vrij van moord, maar veroordeelde hem voor doodslag en het bezit van verboden wapens en munitie.
De gedragsdeskundigen concludeerden dat verdachte leed aan een gemengde persoonlijkheidsstoornis en een depressieve stoornis met alcoholmisbruik, waardoor hij verminderd toerekeningsvatbaar was. Het hof hield hier rekening mee bij het bepalen van de strafmaat. De verdachte werd veroordeeld tot zeven jaar gevangenisstraf, met aftrek van de tijd in voorlopige hechtenis.
Daarnaast verklaarde het hof een dolk en foedraal verbeurd, onttrok een revolver, patronen en pepperspray aan het verkeer en bepaalde dat overige in beslag genomen voorwerpen aan de verdachte worden teruggegeven. De vordering van de benadeelde partij tot schadevergoeding werd gedeeltelijk toegewezen tot een bedrag van €3.199,42, met een schadevergoedingsmaatregel van vervangende hechtenis bij niet-betaling.
Het hof vernietigde het vonnis van de rechtbank Assen en deed opnieuw recht, waarbij het de verdachte vrijsprak van moord, maar veroordeelde voor doodslag en verboden wapenbezit. De straf weerspiegelt de ernst van het delict, de emotionele omstandigheden en de verminderde toerekeningsvatbaarheid van de verdachte.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot zeven jaar gevangenisstraf voor doodslag en verboden wapenbezit, vrijgesproken van moord.