ECLI:NL:GHLEE:2007:BB5076
Gerechtshof Leeuwarden
- Eerste aanleg - meervoudig
- J. Huiskes
- G.M. van der Meer
- H. Bakker
- Rechtspraak.nl
Ongegrond beroep tegen naheffingsaanslag overschotheffing meststoffenwet 1992
Belanghebbende, een fokvarkensbedrijf, kreeg voor het jaar 1992 een naheffingsaanslag opgelegd wegens toepassing van een onterecht gereduceerd tarief in de overschotheffing meststoffenwet. De inspecteur had de aanslag verminderd, maar belanghebbende ging in beroep bij het gerechtshof Leeuwarden.
De kern van het geschil betrof de vraag of belanghebbende voldeed aan de voorwaarden voor het gereduceerde tarief op grond van artikel 13 lid 4 van Pro de Wet en artikel 2 van Pro het Besluit voorwaarden afzetovereenkomsten. Belanghebbende stelde dat de mestafzetovereenkomsten met G BV hiervoor in aanmerking kwamen en dat op grond van het gelijkheidsbeginsel het gereduceerde tarief moest worden toegepast.
Het hof oordeelde dat G BV een handelsonderneming is en geen gebruiker in de zin van het Besluit, waardoor belanghebbende niet in aanmerking komt voor het gereduceerde tarief. De afzetovereenkomst voldeed niet aan de voorwaarden en de stelling dat de overeenkomst met G BV feitelijk met een andere partij was aangegaan, werd niet aannemelijk geacht. Ook het beroep op het gelijkheidsbeginsel en het vertrouwensbeginsel faalde.
Het hof concludeerde dat het beroep ongegrond is en wees een veroordeling in proceskosten af. Tevens kon geen schadevergoeding worden toegekend en was doorverwijzing naar de civiele rechter niet mogelijk.
Uitkomst: Het gerechtshof verklaart het beroep ongegrond en bevestigt de naheffingsaanslag overschotheffing 1992 zonder toepassing van het gereduceerde tarief.