ECLI:NL:GHLEE:2007:BC8708
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- Dijkstra
- Weenink
- Van Wagtendonk
- Rechtspraak.nl
Bevestiging sanctie voor onnodig gebruik vluchtstrook op autosnelwegafrit
Aan betrokkene is een administratieve sanctie opgelegd wegens het buiten noodzaak gebruikmaken van de vluchtstrook op de afrit van de rijksweg A59 te Drunen. Betrokkene voerde aan dat er sprake was van noodzaak vanwege verkeersopstoppingen en dat het gebruik van de vluchtstrook een gebruikelijke en gedoogde praktijk was om files te voorkomen.
De kantonrechter verklaarde het beroep van betrokkene ongegrond, waarna betrokkene hoger beroep instelde bij het gerechtshof Leeuwarden. Het hof stelde vast dat er geen sprake was van een noodgeval in de zin van artikel 43, derde lid, RVV 1990, aangezien de vluchtstrook primair bestemd is voor pechgevallen en incidentele urgente situaties.
Hoewel het gebruik van de vluchtstrook ter bevordering van de doorstroming begrijpelijk was, oordeelde het hof dat dit onaanvaardbaar is en dat het aan de wegbeheerder is om maatregelen te treffen. Er was geen sprake van gedoogbeleid en het hof zag geen reden om de sanctie te matigen. De beslissing van de kantonrechter werd bevestigd.
Uitkomst: Het gerechtshof bevestigt de sanctie van € 200 voor het onnodig gebruik van de vluchtstrook.