ECLI:NL:GHLEE:2008:BC9516
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- G.M. van der Meer
- J. Huiskes
- G.W.B. van Westen
- Rechtspraak.nl
Beoordeling bevoegdheid en ontvankelijkheid bij navorderingsaanslag inkomstenbelasting 2002
Belanghebbende kreeg op 23 augustus 2005 een navorderingsaanslag inkomstenbelasting voor 2002 opgelegd. Het bezwaarschrift werd ingediend met dagtekening 3 oktober 2005, maar poststempel 6 oktober 2005. De inspecteur verklaarde het bezwaar niet-ontvankelijk wegens overschrijding van de bezwaartermijn.
De rechtbank verklaarde het bezwaar ontvankelijk en wees de zaak terug naar de inspecteur. De inspecteur stelde hoger beroep in bij het hof. Het hof onderzocht of belanghebbende bevoegd was beroep in te stellen en of het bezwaar ontvankelijk was.
Het hof oordeelde dat belanghebbende bevoegd was beroep in te stellen, mede op grond van een brief van de curator die toestemming gaf. De inspecteur had de aanslag rechtsgeldig aan de curator bekendgemaakt, die als vertegenwoordiger optrad. De bezwaartermijn liep vanaf 24 augustus 2005 tot 4 oktober 2005.
Omdat het bezwaarschrift pas op 6 oktober 2005 was gepost, was het niet tijdig ingediend. De stellingen van belanghebbende over eerdere indiening en gezondheidsproblemen werden onvoldoende geacht om het verzuim te verontschuldigen. Het hof vernietigde de uitspraak van de rechtbank en verklaarde het beroep ongegrond.
Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. Tegen deze uitspraak kan binnen zes weken cassatie worden ingesteld bij de Hoge Raad.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard omdat het bezwaarschrift te laat is ingediend.