ECLI:NL:GHLEE:2008:BD2148
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- G.M. van der Meer
- J.D.S.L. Bosch
- F.J.W. Drion
- Rechtspraak.nl
Bevestiging naheffingsaanslag parkeerbelasting ondanks beroep wegens overmacht
Belanghebbende kreeg op 20 oktober 2006 een naheffingsaanslag parkeerbelasting opgelegd omdat zijn auto zonder geldig parkeerkaartje stond geparkeerd. Na bezwaar en een ongegrond verklaard beroep bij de rechtbank, stelde belanghebbende hoger beroep in bij het gerechtshof.
Belanghebbende voerde aan dat zijn auto klem stond en hij het parkeervak niet kon verlaten, waardoor sprake zou zijn van overmacht. De heffingsambtenaar betwistte dit, en de parkeercontroleur kon zich de situatie niet herinneren.
Het hof oordeelde dat belanghebbende niet slaagde in het bewijs van overmacht. De tijd tussen het opleggen van de naheffingsaanslag en het terugkeren bij de auto was meer dan een uur, wat niet strookt met de stelling dat hij alles had gedaan wat redelijkerwijs verwacht mocht worden. Ook het feit dat belanghebbende later die avond alsnog vertrok zonder dat de situatie was gewijzigd, en het ontbreken van contact met de politie, ondersteunen zijn stelling niet.
Het hof bevestigde de uitspraak van de rechtbank en wees het hoger beroep af. Er werden geen proceskosten aan belanghebbende opgelegd.
Uitkomst: Het gerechtshof bevestigt de naheffingsaanslag parkeerbelasting en verklaart het hoger beroep ongegrond.