ECLI:NL:GHLEE:2008:BE8989

Gerechtshof Leeuwarden

Datum uitspraak
25 juni 2008
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
108.004.371
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Hoger beroep
Rechters
  • Van Wagtendonk
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 5 WAHV
Verwijzingen
2 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Bevestiging sanctie voor door rood rijden ondanks betwisting kenteken

Aan betrokkene is een administratieve sanctie van €130 opgelegd wegens het door rood rijden op 6 november 2006 in Waddinxveen. Betrokkene ontkent de overtreding en vermoedt een vergissing bij het noteren van het kenteken. De verbalisant voerde een gerichte statische rood-lichtcontrole uit, waarbij het kenteken en het automerk werden genoteerd.

Het hof acht de verklaring van de verbalisant betrouwbaar en vindt geen reden om te twijfelen aan de juistheid van de waarneming en het genoteerde kenteken. De stelling dat geen staandehouding heeft plaatsgevonden en dat dit in strijd zou zijn met artikel 5 WAHV Pro wordt verworpen, omdat er geen reële mogelijkheid tot staandehouding was.

Het hof bevestigt daarom het vonnis van de kantonrechter en verklaart het beroep ongegrond. De sanctie blijft gehandhaafd.

Uitkomst: Het gerechtshof bevestigt de opgelegde administratieve sanctie voor het niet stoppen voor rood licht.

Uitspraak

WAHV 108.004.371
25 juni 2008
CJIB 19100366604
Gerechtshof te Leeuwarden
Arrest
op het hoger beroep tegen de beslissing
van de kantonrechter van de rechtbank 's-Gravenhage
van 16 januari 2008
betreffende
[betrokkene] (hierna te noemen: betrokkene),
wonende te [woonplaats].
1. De beslissing van de kantonrechter
De kantonrechter heeft het beroep van de betrokkene tegen de door de Centrale Verwerking Openbaar Ministerie namens de officier van justitie in het arrondissement 's-Gravenhage genomen beslissing ongegrond verklaard. De beslissing van de kantonrechter is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
2. Het procesverloop
De betrokkene heeft tegen de beslissing van de kantonrechter hoger beroep ingesteld.
De advocaat-generaal heeft een verweerschrift ingediend.
De betrokkene heeft schriftelijk een nadere toelichting gegeven op het beroep.
De advocaat-generaal heeft een reactie gegeven op de nadere toelichting op het beroep.
Op 11 juni 2008 is nog een brief van de betrokkene ontvangen. Nu deze na afloop van de schriftelijke fase is ontvangen, zal het hof geen acht slaan op de inhoud daarvan.
3. Beoordeling
3.1. Aan de betrokkene is als kentekenhouder bij inleidende beschikking een administratieve sanctie van € 130,- opgelegd ter zake van “Niet stoppen voor rood licht: driekleurig verkeerslicht”, welke gedraging zou zijn verricht op 6 november 2006 om 10.54 uur op de Kerkweg Oost in Waddinxveen met het voertuig met het kenteken [[AB-00-AB]]
3.2. De betrokkene ontkent de gedraging te hebben verricht. Hiertoe wordt aangevoerd dat het hem totaal onbekend voorkomt dat hij op de bewuste datum door rood zou zijn gereden. Op 18 december 2006 heeft de betrokkene telefonisch contact gehad met de verbalisant. De verbalisant kon niet zeggen wat voor auto het betrof en vroeg de betrokkene naar het merk en het type. Aangezien de betrokkene zich niet kan herinneren in de afgelopen vijf jaar in Waddinxveen te zijn geweest, acht hij een vergissing bij het noteren van het kenteken in dit geval zeer aannemelijk.
3.3. In WAHV-zaken biedt de ambtsedige verklaring van de verbalisant zoals opgenomen in het zaakoverzicht van het CJIB, in beginsel een voldoende grondslag voor de vaststelling dat de gedraging is verricht. Dat is anders indien de betrokkene voor zijn zaak specifieke feiten en omstandigheden aanvoert, die aanleiding geven te twijfelen aan de juistheid van één of meer onderdelen van de ambtsedige verklaring in het zaakoverzicht dan wel indien uit het dossier zulke feiten en omstandigheden blijken.
3.4. Het proces-verbaal van [verbalisant], brigadier van politie, d.d. 13 november 2007 houdt in dat de verbalisant op 6 november 2006 belast was met een statische rood-lichtcontrole. De verbalisant was te voet en in burger gekleed. Overtredingsgegevens werden genoteerd op een verzamelstaat. Een afschrift van dit document is bij het proces-verbaal gevoegd. Op het formulier, dat op 6 november 2006 door de verbalisant is ondertekend, is onder meer vermeld dat om 10.54 uur een Volkswagen met het kenteken [AB-00-AB] door rood licht is gereden, terwijl het verkeerslicht twee seconden rood uitstraalde.
3.5. Hetgeen de betrokkene aanvoert, geeft het hof geen aanleiding te twijfelen aan de waarneming van de verbalisant, in aanmerking genomen dat er sprake was van een gerichte rood-lichtcontrole. Dat de verbalisant zich ten aanzien van het kenteken zou hebben vergist, acht het hof niet aannemelijk en kan naar het oordeel van het hof niet worden afgeleid uit de vraag van de verbalisant aan de betrokkene om welke auto het ging. Op de verzamelstaat die op 6 november 2006 is ondertekend is immers reeds vermeld dat het om een Volkswagen ging. Naar de overtuiging van het hof is dan ook komen vast te staan dat de gedraging is verricht.
3.6. De betrokkene voert voorts aan dat ten onrechte geen staandehouding heeft plaatsgevonden, dat dit in het geval van een statische controle überhaupt niet mogelijk is en dat daarmee niet aan de WAHV kan worden voldaan.
3.7. Artikel 5 WAHV Pro bepaalt - voor zover hier van belang - dat indien is vastgesteld dat de gedraging heeft plaatsgevonden met of door middel van een motorrijtuig waarvoor een kenteken is opgegeven, en niet aanstonds is vastgesteld wie daarvan de bestuurder is, de administratieve sanctie wordt opgelegd aan degene op wiens naam het kenteken ten tijde van de gedraging in het kentekenregister was ingeschreven. Deze bepaling moet aldus worden verstaan dat ingeval zich een reële mogelijkheid tot staandehouding van de bestuurder van het motorrijtuig, waarmee de geconstateerde gedraging is verricht, voordoet, die bepaling buiten toepassing dient te blijven en de sanctie aan die bestuurder dient te worden opgelegd (HR 1 februari 2000, VR 2000, 104, te vinden op www.rechtspraak.nl onder nummer LJN ZD1735).
3.8. De verklaring van [verbalisant] voornoemd kan naar het oordeel van het hof slechts zo worden verstaan, dat zich geen reële mogelijkheid heeft voorgedaan de bestuurder van het betrokken voertuig staande te houden. De stelling van de betrokkene dat in geval van een statische rood-lichtcontrole door een agent in burger überhaupt geen staandehouding mogelijk is en dat dit in strijd is met de WAHV vindt geen steun in het recht. Van handelen in strijd met artikel 5 WAHV Pro is derhalve geen sprake.
3.9. Gelet op vorenstaande dient de beslissing van de kantonrechter te worden bevestigd.
4. De beslissing
Het gerechtshof:
bevestigt de beslissing van de kantonrechter.
Dit arrest is gewezen door mr. Van Wagtendonk, in tegenwoordigheid van
mr. Wijma als griffier, en uitgesproken ter openbare zitting.