ECLI:NL:GHLEE:2008:BG1749
Gerechtshof Leeuwarden
- Proceskostenveroordeling
- Dijkstra
- Rechtspraak.nl
Vernietiging niet-ontvankelijkverklaring beroep wegens ontbreken toereikende machtiging en terugwijzing
Het gerechtshof Leeuwarden heeft het hoger beroep behandeld tegen de beslissing van de kantonrechter van de rechtbank Roermond die het beroep van betrokkene niet-ontvankelijk had verklaard wegens het ontbreken van een geldige machtiging voor de gemachtigde.
De kantonrechter had geoordeeld dat de gemachtigde zich niet door een ander mocht laten vertegenwoordigen ('doormachtigen') zonder dat dit in de oorspronkelijke machtiging was voorzien. De gemachtigde stelde dat er geen sprake was van doormachtigen en dat de kantonrechter ten onrechte geen gelegenheid had geboden het verzuim te herstellen.
Het hof oordeelde dat de machtiging onvoldoende was omdat niet was vastgelegd dat de gemachtigde zich door een ander mocht laten vertegenwoordigen. Echter, het hof stelde dat de kantonrechter het verzuim had moeten toestaan te herstellen op grond van artikel 6:6 Awb Pro. Daarom vernietigde het hof de niet-ontvankelijkverklaring en verwees de zaak terug naar de kantonrechter voor inhoudelijke behandeling, met de opdracht om de gemachtigde gelegenheid te geven een deugdelijke machtiging te overleggen.
Daarnaast veroordeelde het hof de advocaat-generaal tot vergoeding van de proceskosten van betrokkene voor de rechtsbijstand in hoger beroep, vastgesteld op € 80,50.
Uitkomst: Het gerechtshof vernietigt de niet-ontvankelijkverklaring en wijst de zaak terug naar de kantonrechter met opdracht tot herstel van de machtiging.